het jaar dat ik mijn haar eens laat groeien
Ik was zeer standvastig. Ik zou mijn haar laten groeien en niemand –echt niemand, uitgezonderd Edward Scissorhands– zou mij tegenhouden. En het ging opnieuw weelderig lang worden, niet zo lang als toen ik een tijdje lang haar had zoals in láááng haar, maar toch.
Het was van oktober geleden dat ik nog een kapper had gezien en ik had nu eindelijk het stadium bereikt van de haarlengte waarmee je al iets kan doen. Ik had mij al een “Jamie Cullum” kunnen vragen –of beter: “doe mij maar een Kurtje Cobain, madam”– of zelfs “een Freekske Braeckman maar dan ietske korter in de nek alstublieft”. Maar eigenlijk moest ik nog een heel eind doorsparen voor een Pavel Nedved in zijn Juventusperiode.
En toen kwam er een lentezonnetje en een fris lentebriesje dat mij tot bij de dichtsbijzijnde coiffeur woei. En toen zat ik in de stoel maar was niet voorbereid op die ene vraag die mij gesteld werd: “Zeg het eens, hoe mag het geknipt worden?”
En toen zei ik: “Eh… Alles kort, heel kort”.
En dat was dat.
Van 34 naar eh… 24.
In 17 minuten.
Nu ja, technisch gezien –uitgezonderd die 17 minuten bij de kapper– ben ik nog steeds mijn haar aan ‘t laten groeien.
2 comments zaterdag 6 maart 2010
ze zijn er!
Add comment dinsdag 2 maart 2010
een tekening per maand
Ik had eerder verteld dat Lena meerdere tekeningen per dag maakt. Dat doet ze nog steeds. Maar nu Zita ook de koorts te pakken heeft –om de 30 seconden vraagt ze een nieuw leeg blad– is het niet meer bij te houden. Sommige tekeningen steken we in een map maar de meeste producties belanden bij ‘t oud papier.
Het is ondertussen al maart en ook tijd dat ik werk maak van één van mijn voornemens voor 2010, ik zou namelijk elke maand minstens één tekening inscannen en daar dan een soortement tijdsbalk van maken. Of zoiets.
Lena, januari 2010, papa met bolletjes
Lena, februari 2010, een mannetje met een bril en oorbellen (en handschoenen)
Zita, januari 2010, misschien ballonnen
Zita, februari 2010, ballonnen
3 comments dinsdag 2 maart 2010
die truc van ‘daaaag’
Alle ouders gebruiken ooit deze truc.
Uw peuter / kleuter wil niet mee naar huis. Ook niet na honderd keer opnieuw vragen, ook niet na boos worden, na dreigementen, enzovoort.
Dus, je zegt “daaaaag” en je zegt dat je alleen naar huis gaat. En afhankelijk van het kind werkt die truc onmiddellijk of met een beetje vertraging, het kind komt bijna huilend achter u gelopen. Het werkt.
Enfin, niet bij Zita. Nooit. Maar tot gisteren was ik er heilig van overtuigd dat we gewoon niet ‘ver’ genoeg gingen. Volgens mij zou Zita wel breken als we echt volledig uit het zicht verdwenen zijn. Ik heb ongelijk gekregen.
Ik ben weggegaan, volledig uit het zicht. En ik heb héél lang gewacht. Na 10 minuten was ik weer bij Zita… “Dag papa. Papa niet aluis?”.
9 comments zondag 28 februari 2010
logée
Vorig jaar was het Beertje Lotte.
Deze keer kwam klasmascotte Mieneke Muis een heel weekend spelen en slapen.
En dat ze trots was, Lena.
Add comment zondag 28 februari 2010
Carrefour
Het is moeilijk om geen boodschappen in Carrefour te doen als je aan de achterdeur van zo’n hypermarkt woont, dus gaan wij geregeld eens naar Carrefour. En net zoals ik alle andere supermarkten hartsgrondig haat, krijg ik ook de teringseskes van Carrefour, alleen stoor ik me wellicht nog net iets meer aan een Carrefour hypermarkt dan aan een andere winkel. Misschien dat -in my humble opinion- een deel van mijn ergernissen ook een stukje kan verklaren waarom het marktaandeel van Carrefour tanende is.
Waar ik dus het middelpuntvliedend schijt van krijg:
- Ik wil boontjes. Ik doe er 10 minuten over om te ontdekken dat de Belgische boontjes er vandaag niet zijn, of dat ze ergens in platte bakken liggen, helemaal aan de overkant van de netjes verpakte en vaak goedkopere boontjes uit Kenia, boontjes uit Marokko, boontjes uit Ethiopië, ga maar door. Ik. Wil. Gewoon. Boontjes. En als het nog even kan, ik wil ook dat Carrefour mij een handje toesteekt in mijn ijver om mijn ecologische voetafdruk te verkleinen.
- Hoe meer productjes ik koop, hoe meer goede puntjes ik krijg op mijn Carrefour-kaart. Die puntjes moet ik omruilen voor kortingsbonnen. Daarvoor moet ik zeer lang aanschuiven aan de klantendienst, waar altijd een lange rij mensen staat, consumenten die ook hun puntjes voor kortingsbonnen komen inruilen. Dat systeem kost veel geld (een fulltime werknemer, heel veel inkt en papier, enz.) En heel veel tijdverlies voor de klant. Ik. Wil. Geen. Bonnen. En ook geen klantenkaarten of toestanden. Van niemand. Nooit. Ik wil gewoon de beste prijs voor degelijke producten. Mijn portefeuille zit nu al volgestouwd met die zever. En mijn poep doet dan zeer als ik mij op een stoel zet, met zo’n dikke portefeuille.
- Een bezoek aan een Carrefour hypermarkt duurt langer dan een bezoek aan een andere supermarkt. Stuur mij met een boodschappenlijstje voor 20 artikels naar de winkel en ik doe er in Carrefour Oostakker een uur over, in een andere winkel een half uur. Dat komt dus doordat er 784 merken paprika-chips liggen, maar dat komt ook door de indeling van de winkel, door de ruimte. Als ik een breedbeeldtelevisie wil, dan zal ik wel naar de breedbeeldtelevisiewinkel gaan.
- De luidsprekers tussen de veel te felle verlichting, die vallen u constant lastig met Vlaamschtalige gedrochten als “Uitzonderlijke buitenkansjes dames en heren, deze week alleen in Carrefour: de echte Zeeuwse mosselen van Prins & Dingemanse tegen 3 euro tseventih het kilo in plaats van 3 euro tnehentih het kilo.”
- En eigenlijk wil ik ook geen Gogo’s:
5 comments dinsdag 23 februari 2010
Montmartre
Café Les Deux Moulins, waar onze lunch werd geserveerd door een nerveuze fransoos en niet door Audrey Tautou. Helaas, helaas.
1 comment zondag 21 februari 2010
marché aux puces, de Clignancourt à Saint-Ouen
Add comment zondag 21 februari 2010














































