Ik zeg tegen de verkoper:
“Meneer, ik ben niet technisch onderlegd. Denkt u dat ik dat zélf kan installeren?”
“Ja hoor. Gewoon de opstart-cd insteken en doen wat er u gevraagd wordt. Op 5 minuutjes is dat gepiept.”
Ik reserveer een halve snipperdag.
Ik sta vroeg op. Ik steek de opstart-cd in de computer. Op de opstart-cd staat geschreven: ‘Quick start: Click & Connect’. Aargh. ‘Been there.’ Ik krijg een koortsaanval: huiveringen, koud zweet. Maar ik beheers mezelf. Ik doe wat mij gevraagd wordt, ook al versta ik de woorden niet — ‘kabels’ en ‘poorten’, dat lukt nog net. Ik zit al aan stap 4. “One to go” zegt het scherm. Of is het uitlachen? Ik klik op ‘Finish’ en het scherm zegt dat mijn verbinding wordt nagegaan.
Foutmelding. De eerste. Nog 77 en oneffen te gaan.
Kan geen verbinding maken, configureer uw WAN-settings.
Ik weet niet wat dat betekent maar ik doe het lekker toch. Ik configureer mijn WAN-settings.
Foutmelding.
WAN-settings incorrect. Contact your ISP.
Ik weet niet wat dat betekent maar ik hou van afkortingen en ik doe een gok: Internet Service Provider? Aha! Maar dat is Telenet! Ik weet wat dat betekent — “en als u nog steeds aan het luisteren bent én u blijft erbij dat u gewoon een levend mens aan de lijn wil, druk dan 37 hekje en doe de plopdans” — dus ik check mijn telefoonkrediet. Na enkele minuten zowaar een technieker aan de lijn.
Ongeveer hier begint de lijdensweg.
“Meneer. Wij bieden geen ondersteuning voor routers.”
“Eh. Maar jullie komen toch bij mensen thuis WiFi installeren. Ik ben misschien wel dom maar ik ben niet dom: WiFi betekent dus niet ‘Wiske & Filiberke’ maar betekent wél dat jullie een draadloze router komen installeren. En nu zegt u dat u geen technische ondersteuning biedt voor routers?”
“Maar dat is alleen voor nieuwe klanten meneer. Voor mensen die nog geen internet hebben. Maar u bent al klant bij ons.”
“Oink. Dus als ik geen klant ben, dan kan u mij helpen?”
“Klopt meneer. Dan komen wij bij u thuis.”
“Maar ik wil daar voor betalen hoor. Ik wil gewoon dat er iemand langskomt. Ik zal koffie zetten.”
“Dat is heel vriendelijk meneer, maar ik kan u niet verder helpen. Sorry.”
Kalmeren. Inhaken. Afkoelen. Computer uit. Ontbijten. Diep ademhalen. Computer aan. Opnieuw geprobeerd. Opnieuw (meerdere) (verschillende) foutmeldingen. Geen verbinding. Getelefoneerd naar de service-lijn van D-link (het merk van mijn router). Een Nederlander. Zeer geduldig. Zeer vriendelijk. Maar er is iets met de telefoonverbinding, het lijkt alsof mijn telefoon onder mijn hoofdkussen ligt maar ik duw mijn oor bloedrood om toch af en toe een woord te kunnen opvangen. Na een half uurtje zijn we eruit. De opstart-cd doet moeilijk met Vista. Of omgekeerd. Dan maar zonder opstart-cd.
“Maar dan moet u precies doen wat ik zeg.”
“Meneer, ik kom naar Nederland en ik wil zelfs uw was en uw strijk komen doen.”
Er volgt een dovemansgesprek maar toch: ik doe precies wat mij gevraagd wordt. En hoera, we hebben draadloos internet. Ik bedank die mens voor bewezen diensten en zeg dat “dat van de was en de strijk” een grapje was.
Ongeveer hier begint de lijdensweg.
Ik wil ook op onze andere pc verbinding maken en in mijn hoofd herhaal ik wat die vriendelijke man mij gezegd heeft.
“Ga naar ‘Netwerkcentrum’, kies ‘Draadloze verbinding’, klik op ‘Toevoegen’, selecteer uit de lijst met draadloze netwerken de naam van uw netwerk, geef uw wachtwoord in en klaar is kees.”
Een wereld gaat voor mij open. Bijna alle buren hebben draadloos internet. Allemaal beveiligd. Maar mijn netwerk staat niet in de lijst. Ik bel opnieuw naar de vriendelijke Nederlanders van het D-link-team. Ik krijg een andere man aan de lijn, dus doe ik mijn verhaal volledig opnieuw. Na een half uurtje zijn we eruit. De router opnieuw geïnstalleerd, via het IP-adres van de router op het (bedrade) internet. We hebben het kanaal veranderd. Eerst van 6 naar 11, dan van 11 naar 1. Ik voel me steeds meer als iemand die voor een reality-show door een mijnenveld wordt gestuurd. Geblinddoekt. De helpdesk-medewerker in de rol van de ploegmakker die mij met een megafoon naar de overkant moet loodsen. Maar om het interessant te maken voor de kijker thuis, mag de ploegmakker zich enkel bedienen van een taal die ik niet machtig ben.
Maar het lukt. het is ondertussen bijna middag maar het is gelukt. Internet op 2 computers. Een nieuw leven.
Ongeveer hier begint de lijdensweg.
Ik ga terug naar mijn laptop, computer één. Geen verbinding meer. Alles opnieuw proberen installeren. Geen verbinding. Ik vind mijn router terug in de lijst maar er kan geen verbinding gemaakt worden. Voor de derde keer vandaag bel ik naar de vriendelijke Nederlanders van het D-link-team. Maar ik krijg weer iemand anders aan de lijn, dus doe ik mijn verhaal volledig opnieuw. Na een half uurtje zijn we eruit. We gaan naar ‘Systeemherstel’ en gaan “een herstelpunt zoeken”. We doen dat. We(*) installleren alles opnieuw. (*Verpleegstersmeervoud)
Lees bovenstaande alinea opnieuw.
Vervang ‘computer één’ door ‘computer twee’.
Vervang ‘voor de derde keer vandaag’ door ‘voor de vierde keer vandaag’.
De verbinding van mijn desktop-pc valt voortdurend uit. Foutmeldingen beweren dat er “een onderdeel” ontbreekt van de software voor mijn ‘Wireless Adapter’ (een soortement usb-stick voor computers zonder WiFi-kaart). Ik bel voor de vijfde keer vandaag naar de vriendelijke Nederlanders van het D-link-team.
“Maar u heeft de software geïnstalleerd voor XP en u heeft Vista. Dan werkt het niet goed. Maar de installatie-cd die in de winkels ligt, heeft de juiste onderdelen niet. Ik geef u even de gegevens van een internet-adres waar u een zip-mapje kan downloaden en dan moet u dat mapje uitpakken en installeren in de driver waar u de software van die adapter heeft geïnstalleerd. Begrijpt u? Meneer? Meneer?”
[...]
We zijn een dag later. Ik zit hier te typen in de living. Maar ik geloof er nog niet in. Computers en ik.
Zeg nu nog eens dat ik een nerd ben.