[statistiekjes] één jaar bloggen

algemeen
341 blogposts op het web gepleurd (een gemiddelde van bijna één bericht per dag — 0,934246575 om precies te zijn) waarvan 87 stukjes het label kinders opgeplakt kregen (25 procent) wat betekent dat het hier driekwart van de tijd over iets anders ging. En die andere dingen werden gecategoriseerd onder bijvoorbeeld neuterijen of dommigheden of uithuizigheden.

bezoekers
43.509 keer kwamen mensen op dit weblog, dat is een gemiddelde van 119 bezoekers per dag — 119,20274 om precies te zijn). Ik weet niet hoeveel verschillende personen dat zijn maar ik gok op ongeveer drieduizend individuen in totaal, waarvan ongeveer tweederde hier eerder toevallig is beland en dus gaat het volgens mij om een duizendtal mensen dat hier al meer dan één keer is komen piepen — ik ging daar eigenlijk schrijven “slechts een duizendtal”, omdat ik mezelf graag verplicht tot relativeren, maar toen bedacht ik mij dat één of ander overgesubsidieerd hermetisch kunstcollectief wellicht zeer tevreden zou zijn met duizend unieke toeschouwers op jaarbasis en dus heb ik dat woordje “slechts” alsnog geschrapt — waarvan er een vijftigtal gratis gesyndiceerd zijn, waarvan trouwens exact 20 mensen via google reader.

zoektermen
(= in zoekdingen ingetikte query’s waardoor mensen hier belanden)

Die zoekterm daar helemaal boven, dat vind ik grappig. Ik kwam op dat mens haar website en las dat ze hetgeen ik op dat moment aan het lezen was meteen zou weghalen. Dus deed ik van ‘ctrl+c’ en ‘ctrl+v’ en de rest is geschiedenis: mijn blog was heel even sant in ander land (1.604 bezoekers op één dag).

Maar als we nu die valse madam even buiten beschouwing laten, dan is de aankondiging van de geboorte van Zita Deboom het meest gelezen stukje (861 keer) op deze blog.

Clicks en Referrers
In mijn wordpress-statistieken vind ik bijvoorbeeld ook nog iets over ‘clicks’ en ‘referrers’. Met ‘clicks’ bedoelen ze de klikjes die jullie doen op deze website. Bijvoorbeeld, deze tekst staat boordevol links en ik zal dus kunnen zien hoe vaak op welke link geklikt zal worden. Op die manier ben ik trouwens te weten gekomen dat ik extreem slimme lezers heb omdat er heel zelden op wikipedia-links geklikt wordt. Ofwel heeft u daar gewoon geen tijd voor. Bij de meest populaire clicks staan vooral enkele flickr-foto’s. ‘Referrers’, dat is iets anders. ‘Referrers’ zijn webpagina’s waar links te vinden zijn naar mijn blog en hoe vaak mensen dan op die links geklikt hebben. Als ik bijvoorbeeld op iemands blog een commentaar achterlaat, dan linkt mijn naam naar dit weblog en soms klikken mensen daar op. Of als iemand mij heeft opgenomen in diens blogroll, dan gebeurt het dat mensen mijn blog op die manier leren kennen. Enzovoort. En dat kan ik dus allemaal achterhalen. Big Brother, kzweertu.

Advertenties

[reflectie] één jaar bloggen

Een katoenen jubileum. Tijd voor reflectie.

Mocht dit weblog een kat zijn — en waarom zou dit weblog geen kat zijn? — dan zou je de leeftijd in mensenjaren kunnen vertalen naar die van een tiener, die net als ik niet weet waar het naartoe moet, welke kant het uit moet met deze blog. Of ik het nog graag doe en of het niet heel erg onnozel is dat slechts een fractie van wat ik wil opschrijven de publish-knop haalt wegens iedereen leest mee. En of dat dan niet precies de bedoeling was, dat iedereen meeleest. Ja, nee, misschien. Zei de bakvis.

Niks zo beperkend als een online dagboek: elke zin moet gefilterd. Je kan dus nooit persoonlijk worden, tenzij misschien over personen waarvan je denkt dat ze nooit op deze site zullen belanden maar dat is dan weer buiten Google gerekend, Google is niet altijd uw vriend — in tegenstelling tot agent Kris, althans dat heb ik geleerd op de basisschool, doch dit geheel terzijde. Je moet ook je gedachten heel duidelijk uitleggen of je commentaarbox rispt op. Je kan niet over het werk babbelen of toch niet op de manier die je in gedachten had. Je had misschien onder een pseudoniem moeten bloggen. Maar dan ook weer niet. Of toch. Ik wéét het niet.

Wat zegt u?
In der Beschränkung zeigt sich der Meister?
Ja, het zal wel.

En in een dagboek onder je hoofdkussen krijg je van je lezers geen handige tips over hoe je moet omgaan met je onhandelbare peuter. En je kan in zo’n schriftje ook geen youtube-filmpjes plaatsen bijvoorbeeld. Of moeilijke woorden of eventuele zijsprongetjes van een externe weblink voorzien. Je kan eigenlijk helemaal niet spreken van een online dagboek, althans niet in de betekenis die wij doorgaans aan ‘dagboek’ geven. Een blog is een medium als een ander maar toch helemaal anders, het is tegelijkertijd privé én community. En het zal je misschien verbazen maar eigenlijk had ik dat niet goed door, toen ik precies een jaar geleden met dit weblog begon.

Ik denk dat ik mij in die periode pas had aangemeld voor de Feestenploeg en dat ik op die startvergadering merkte dat ik daar toch een vreemde eend in de bijt was, zo zonder eigen blog. En dan ook nog dat ik toen dacht: “Waarom niet eigenlijk? Zo’n blogdinges volschrijven, dat kan toch niet moeilijk zijn.” En nee, inderdaad, moeilijk is dat niet, relevant al evenmin, al is dat nooit het opzet geweest en al zal de toekomst wellicht uitwijzen dat er weldegelijk enige relevantie zit in zo’n website, al was het maar als persoonlijk archief, als online geheugensteun.

Maar leutig vind ik het meestal wel. Bijna even leutig als andere blogs lezen (waar ik trouwens véél te weinig commentaren achterlaat — note to self: heel erg foei!). Dus, ik doe er mee door en ik volg voorlopig niet het voorbeeld van enkele bloggers in blogcrisis: zoals of zoals.

1996-06-24

Een paar jaren geleden, toen iemand zei: “Nee, morgen kan ik écht niet want we zijn dan [zoveel] jaar samen en we gaan dan iets gaan eten en dan een filmpje huren”, toen hebben we dat ook eens proberen achterhalen, De Dag.

Helaas bleek dat we niet dezelfde definitie hanteerden van wat nu de juiste criteria zijn voor De Dag. Maar dat is mijn fout, ik had als chiro-kind al hevige discussies bij het spel ‘telefoontje’ — “Maar hij is wél vertrokken, ik heb toch in uw hand geknepen!” “Maar nee, ik heb niks gevoeld, ge moet harder knijpen!” “Maar nee, dat is juist het spél, als ik hard knijp, dan kunnen ze dat zien, kieken!” — over wat nu eigenlijk moet worden verstaan als “We zijn vertrokken”.

Soit, na veel vijven en zessen hebben we afgesproken dat De Dag niet anders kon zijn dan 24 juni 1996 en we hadden daar een heel goede reden voor. Er was een film en er was een cinema en er was een moment. En dat moment was naar ’t schijnt duidelijk genoeg.

De reden was in elk geval niet dat er op die dag een klein Argentijns manneke zijn negende verjaardag vierde en waarschijnlijk toen al wist dat hij 12 jaar later ’s werelds beste voetballer zou zijn.

We zijn dus twaalf (12!) jaar samen.

Om niet getrouwd te zijn vind ik dat een heel schoon huwelijk, eigenlijk.

van die dingen die vandaag door mijn hoofd kwamen vliegeren

  • Dat ik volgende week nog liever achterstevoren een marathon loop, in een verzengende hitte, getooid in een maliënkolder, enzovoort, dan dat ik dit schooljaar nog één keer mondelinge toetsen moet afnemen en slechtnieuwsgesprekken moet plegen.
  • Dat ik morgen (‘morgen’ as in ‘strakskes’), een uur vroeger naar het werk moet vertrekken omdat iemand zich van proviniciehoofdstad heeft vergist.
  • Dat ik nu al drie avonden op rij de hoe-kén-dat-nou-analyses volg en dat de kortste en meteen ook de meest juiste analyse die van Ronald de Boer was, die iets zei wat van ver in de buurt kwam van “druswabeteh”. Vrij vertaald: “de Russen waren beter”.
  • Dat het vanavond de eerste avond is, sinds het begin van het EK, dat er geen wedstrijd is, en dat iemand er mij vanavond op wees dat ik een blog heb. Ze zei iets in de trant van: “Blog jij nu nog?”
  • Dat de Belgen weliswaar niet aanwezig waren op het EK maar dat ik toch enkele keren ons volkslied heb meegezongen. Namelijk die wedstrijd tegen Roemenië, tegen Nederland en die tegen Italië. Uit volle borst.
  • Dat ik normaal supporter voor de Duitsers maar dat ik nu uitzonderlijk zal supporteren voor Turkije omdat Filip Dewinter heeft gezegd dat ik niet mag supporteren voor Turkije.
  • Dat ik heel erg dringend het programma van de Gentse Feesten moet gaan bekijken en eens moet laten weten waarover ik verslagjes zal maken.

schurkenstreken

Ik heb de werkweek wel eens vrolijker aangevat dan vandaag.

(copy-paste van op gentblogt)

Dit weekend werd ingebroken in het lesgebouw van ‘Leerpunt’, Centrum Basiseducatie, in de Hippoliet Lammensstraat (Begijnhof, Rabot). Er verdwenen o.a. 11 pc’s uit het Openleercentrum.

Het gaat om Dell GX620 Optiplex mini-towers met Dell 17” Ultrasharp 1707Fpt LCD-schermen. Kom je via om het even welk kanaal in aanraking met één van onderstaande systemen, verwittig dan a.u.b. zo snel mogelijk de politie.

Alle systemen zijn voorzien van een stoptracklabel bestaande uit 2 letters en 7 cijfers DS02859xx. Het stoptracklabel bevindt zich bovenaan op de mini-tower. Als je ziet dat daar iets weggehaald is (label zit héél vast), dan weet je dat je met een gestolen systeem te maken hebt.

Stoptrack

Wie meer info heeft over deze inbraak, kan steeds terecht bij de politie (09 226 61 11) of bij Leerpunt zelf (09 224 24 12). We rekenen er op dat de politie de pc’s snel terugvindt. Nu zit Leerpunt zonder Openleercentrum en dat is een ramp voor de school en voor de cursisten.

naam computer : olc-1
service tag : 1QB0C2J
stoptrack : DS0285949

naam computer : olc-2
service tag : DPB0C2J
stoptrack : DS0285961

naam computer : olc-3
service tag : 6QB0C2J
stoptrack : DS0285960

naam computer : olc-4
service tag : 4QB0C2J
stoptrack : DS0285967

naam computer : olc-5
service tag : GPB0C2J
stoptrack : DS0285969

naam computer : olc-6
service tag : 7QB0C2J
stoptrack : DS0285968

naam computer : olc-7
service tag : 5QB0C2J
stoptrack : DS0285925

naam computer : olc-8
service tag : 2QB0C2J
stoptrack : DS0284978

naam computer : olc-9
service tag : JPB0C2J
stoptrack : DS0285016

naam computer : olc-10
service tag : 3QB0C2J
stoptrack : DS0286845

naam computer : olc-11
service tag : HPB0C2J
stoptrack : DS0285963

tuinverhalen (2) (fruit)

Had ik vorige week beloofd: iets over onze fruittuin in wording.

Vorig jaar hadden we een relatief goeie oogst maar door omstandigheden hebben we een paar maanden geleden alle planten en bomen even moeten uitdoen. Niet alle plantjes zijn dat manoeuvre te boven gekomen — de frambozen en aardbeien hebben het lastig en de pruimenboom heeft dit jaar precies geen zin in pruimen — maar onze ribes rubrum (“roe’beezekes”) heeft niet zo veel problemen blijkbaar, oogst is voorzien voor juli en augustus maar Lena heeft de struik nu al kaalgefret.

ribes rubrum

Bedoeling is dat we in onze tuin een soortement snoephoek krijgen met fruitbomen en fruitstruiken, ’t zal dus nog niet echt voor deze zomer zijn maar tegen volgend jaar moet zeker lukken.

wat zou u dan doen?

Je hebt het voorbije jaar een cursus gevolgd.
+ Vandaag doe je eindexamen.
+ De bussen staken.

Wat doe je?
(meerkeuze-vraag)

a. ’t is fantastisch weer! ik ga lekker wandelen, op 20 minuutjes ben ik er.
b. ’t is fantastisch weer! ik neem de fiets, op 10 minuutjes ben ik er.
c. ’t is fantastisch weer! maar ik heb geen goesting! ik bel af.
d. ’t is fantastisch weer! maar ik heb geen goesting! en ook niet om af te bellen.

Oplossing:
Van de 8 mensen die normaal met de bus komen, waren er 6 afwezig (waarvan er één afgebeld heeft). Voor de 6 afwezigen mag ik dus een oplossing zoeken, in mijn schaarse lesvrije uurtjes. Ik heb soms zódanig last van vlagen van rechtsigheid, ge hebt daar geen gedacht van.

En het moet gezegd: 2 buscursisten waren aanwezig. Eentje heeft 25 minuten gestapt en eentje heeft met haar zuurverdiende spaarcentjes een taxi betaald. En dat is hartverwarmend. En dan verdwijnt mijn rechtsigheid als sneeuw voor de zon. En die 2 mensen zijn natuurlijk geslaagd, ’t zal wel zijn verdorie, ik ken mijn klassiekers: Halo-effect, Pygmalion-effect (ik ben een gewillig slachtoffer).

tuinverhalen (1)

De natuur laat zich niet bedwingen, althans niet door mij. De oppervlakte van onze tuin is niet echt in verhouding met de hoeveelheid vrije minuten die we aan tuinieren kunnen besteden. In combinatie met onze favoriete aangeboren hoofdzonde, geeft dat als enige uitkomst: het houbiistisch model.

U kan ons dus geen plezier doen met een bloemetje dat het niet overleeft zonder handleiding, wél met een plant dat zijn plan kan trekken (en bijvoorbeeld niet bij de eerste flauwe droogte begint te treuren). Ik wil dus een tuin die volledig kan leven op zijn eigen. ’t Is te zeggen: af en toe moet er wat gesnoeid worden – om burenruzies te voorkomen bijvoorbeeld – en de distels durf ik al eens in de kiem smoren – om peuterbleiterijen te vermijden – en ook het gras moet al eens gemaaid worden – om te kunnen voetballen – oh ja, over dat gras: wij hebben dus traaggroeiend gras gezaaid vorig jaar en iemand was de eerste in wellicht een rij van vele volgenden met deze opmerking: “Oei, jullie zitten wel met veel klavers en zo …”

“Eh… ja, dat klopt, wij hebben dat gezaaid, die klavers” is niet meteen het antwoord dat de mensen dan verwachten. Die klavers zijn – samen met o.a. Engels raaigras – een belangrijk bestanddeel van ons gazon. Het zorgt er o.a. voor dat we pas om de 3 weken ons gras moeten maaien. Minder burenlawaai, minder elektriciteit, minder grasafval (dit jaar nog 0,0 wegens het gras nog niet afgereden met opvangbak), minder werk, …, meer polepole dus.

En als je weet dat onkruid perceptie is, dat het eigenlijk kruid is waarvan iemand u heeft geleerd dat het onkruid is en dat u het niet graag mag zien, dan zorgt dit besef voor een pak minder tuinstress. Niet dat ik nooit onkruid wied maar ik heb een andere definitie van onkruid: voor mij is onkruid enkel dát plantje dat mij een beetje ambeteert omdat het bijvoorbeeld kan kwetsen of omdat het een andere plant wat te weinig ademruimte geeft. En wat schoffelen zorgt er dan voor dat de favoriete plant weer wat zuurstof krijgt. Dat schoffelen is trouwens veel effectiever dan besproeien bijvoorbeeld, het noodzaakt de plant om dieper te gaan zoeken naar wat meer houvast.

Een gazon besproeien bij droog weer, zorgt ervoor dat uw gras lui wordt: het gras krijgt vocht en moet daar geen moeite voor doen, dus de wortels hebben geen enkele reden om op zoek te gaan. Tot je ’t een keertje besproeit in volle zon of een keertje vergeet te besproeien of – de grootste fout – heel kort maait in de zomer en dan zit je met een roest gazon. Onze grasmachine staat nooit lager dan standje 3 — oké, je kan daar geen virtuoze voetbaldribbels op toveren maar dat laten mijn knieën toch niet meer toe.

(foto’s! wij willen foto’s! Ja… eh… ’t is 23.47.u, ’t zal voor een andere keer zijn)

(volgende week aflevering 2: een fruittuin in wording)

foebele, daar gaat het tenslotte om

Ik zal het u niet kwalijk nemen als u, als trouwe lezer van dit weblog, stilaan begint te vrezen dat ik door een leven tussen vrouwen (zowel thuis als op het werk) langzaam maar zeker niet meer in staat zal zijn om mij te herinneren waar het allemaal om draait. Om hoofdzaak van bijzaak te kunnen onderscheiden.

Wel, u hoeft geen schrik te hebben: ik kan het nog. Daarvoor leg ik mijzelf een strak trainingsschema op, weliswaar in de uren dat het oestrogeen zich één verdieping hoger in Morpheus’ armen aan schoonheidsslaapjes te goed doet.

“Foebele, daar gaat het tenslotte om.”
(Hans Kraay, een uurtje geleden)

De mensheid een dienst bewijzen, daar ben ik niet vies van. Ik weet dat menig Vlaams voetballiefhebber in menig Vlaamse slaapkamer deze week al enkele keren badend in het zweet is wakker geworden met niks meer en helaas ook niks minder dan de tronie van Carl Huybrechts op het netvlies gebrand (met in de linkerbovenhoek het logo van VT4). Welaan, ik breng u: de redding. Er is weldegelijk een alternatief. Met de nadruk op ‘degelijk’.

De komende drie weken zal ik de zeer late avonden doorbrengen in de gemoedelijke aanwezigheid van o.a. Jack van Gelder en Hugo Borst, op Studio Sportzomer. De aflevering van vandaag was alvast een verademing. Presentator van Gelder die zich volledig wegcijfert in het gesprek maar af en toe een aardige voorzet geeft waardoor zijn studiogasten aan het ouwehoeren slaan, gezellig discussiëren over de nadelen van een 4-4-2 t.o.v. een 4-5-1 …

*droomt weg*

… een 4-5-1 waarmee het trouwens ook in achtentachtig… Tsja… achtentachtig… Daar zeg je wat… achtentachtig… Dat waren wel figuren hoor, die zie ik in dit elftal nog niet zo snel opstaan om tijdens rusten dat zooitje even tot de orde te roepen… iemand die zegt: “Nou jongens, we staan 0-1 achter tegen Italië, gaan jullie dan maar effe gaan jodelen in de bergen of zo, maar ik heb zin om die juffertjes een poepje te laten ruiken.” Of Hugo Borst die plots op een papiertje begint te krabbelen, dat papiertje triomfantelijk overhandigt aan Jack van Gelder en zegt: “Kijk Jack, dit is de enige juiste opstelling, jij hebt toegang tot Marco, jij moet jouw verantwoordelijkheid nemen en we worden Europees kampioen.”

Heerlijk.

Wat ik dan de komende 3 weken helaas zal moeten missen:

  • studiogast Vincent Kompany die niet uit zijn woorden komt
  • Carl Huybrechts die Kompany onderbreekt
  • “Want we moeten er even tussenuit voor een commerciële boodschap.”
  • Eddy Snelders die Bob Peeters gelijk geeft
  • Bob Peeters die Emilio Ferrera gelijk geeft
  • Emilio Ferrera die niet uit zijn woorden komt
  • Carl Huybrechts die Ferrera onderbreekt
  • “Want we moeten er even tussenuit voor een commerciële boodschap.”
  • (enz.)

de weging

Vandaag met Zita naar de kinderarts geweest. Niet dat we daar waren voor de weging maar bij onze kinderarts is dat sowieso standaardprocedure. We waren wreed nieuwsgierig want volgens onze eigen informatie zat ze boven de bovenste curve, zowel voor gewicht als voor lengte.

(als men mij tegenwoordig vraagt hoe het met Zita gesteld is: vadsig goed”)

Maar volgens de kinderarts zit Zita niet boven de bovenste curve maar net onder de bovenste curve. We kregen er zelfs een afdruk van mee. (zie foto)

MAAR! Wat ziet mijn arendsoog nu op dat papiertje!?
‘Curve voor jongens
Dat zijn dus wel andere curves hé, meneer doktoor! Ik heb toch nog even gekeken bij het verversen of Zita wel degelijk een meisje is. En oef, ja dus, we hadden toch gelijk, onze dochter is een Gigant. (oei, onze deuren zijn maar 2m hoog, we zullen maar al sparen voor de verbouwingen)

hofkot (4) (einde)

De abonnees waren al op de hoogte: Bloed, Zweet, Tranen.
En sinds vandaag daar aan toe te voegen: Liefde.

Of om het met een filmklassieker te zeggen:

“Louis, I think this is the beginning of a beautiful friendship.”

(en dus heeft het hofkot ook een naam)

Vandaag was de eerste dag dat de klank der zuchten eerder onder de oef! dan wel bij de pfff! te catalogeren viel. (lees: het hofkot is klaar)

Het is blauwig aan de buitenkant en heeft vier hoeken aan de binnenkant:

hoek 1

hoek 2

hoek 3

hoek 4

Nu nog een oplossing vinden voor het buitenspeelgoed van Lena. Op de foto ziet u: een kruiwagen (tweedehandsbeurs – 1 euro), een busje (tweedehandsbeurs – 2 euro), een roze fiets (gekregen van de buren), een andere fiets (kapaza – 10 euro), een Torck Forest (tweedehandsbeurs – 100 euro), een houten wiegje (gered van een eenzame oude dag op een zolder in Lokeren),…

Dat met die haakjes, dat was eigenlijk omdat u misschien na al die vorige berichten abusievelijk zou kunnen vermoeden dat wij zwemmen in het geld. Niets is minder waar, ’t is te zeggen: wij zwommen in het geld maar met de aanschaf van het hofkot en de bakfiets en de rekken en de kasten en nog vanalles is het geld nu officieel met vakantie. Het geld is weg, zoals alleen geld dat kan. Des te beter eigenlijk. (het kopen van hebbedingen: vermoeiend, zeer vermoeiend)
Dus, zoldervloer afwerken en een zoldertrap aanschaffen, dat is voor eh… als ’t eens past. Helaas ook bij de slachtoffers: op reis gaan, want dat kost ook geld. (maar er komen nog zomers) (en dat is zeer zacht uitgedrukt: de komende zomer is zelfs de allerlaatste zomer met bijna geen verlof, dat is 99% zeker) (dat 1 procentje voorbehoud omdat VDB zijn handtekening nog moet zetten)

Maar back to business. Vóór de inrichting van la barraca azúl hebben we o.a. eerst de garage leeggemaakt en ook ontdekt dat onze garage een vloer heeft waar je op kan lopen en dat die vloer grijzig is. De volgende opdracht is onze auto in de garage rijden. Maar we durven nog niet goed.

En nadat we de garage hadden leeggemaakt, hebben we er nog wat hout in gestockeerd. De tuinhuizenfabriekmeneer heeft zich dus misteld. Misschien een kleine compensatie voor die 2 steunbalken (buitenstapelplaats) die niet in het bouwpakket zaten.