buisjes

De NKO-arts heeft gisteren niet lang getwijfeld: Zita krijgt buisjes.
(het zal u niet verbazen, na het geweeklaag van de voorbije weken)

Op maandag 2 maart naar het ziekenhuis voor dagopname.

We hadden kunnen zeggen: “Lap! En we gingen net starten met watergewenning.”
Maar aangezien we nu al sinds de kerstvakantie niet langer dan in blokken van 1 à 2 uren slapen – met een maximum van 4 à 5 uren per nacht – is onze reactie eerder: “Whatever.”

En als Zita na de operatie wat beter zal beginnen slapen, dan zeggen wij:
“Hoera voor buisjes.”

kopieergedrag

Kijken en nabootsen.
Het is voor Zita een voltijdse dagtaak geworden.

Bijvoorbeeld. Ze ziet Lena een hoge blokkentoren maken. Ze zit de hele tijd gebiologeerd te kijken en nadien begint het kopiëren. Ze klimt dus ook op het trapje, ze wil ook bouwen, de toren valt, ze huilt, ze wil naar beneden, ze durft niet meer naar beneden, papa moet lachen, ze huilt iets harder.

Geen erg. Want nauwelijks een minuut later staat ze alweer te telefoneren.
(toch maar eens vermelden morgen bij de NKO-arts, onze laatste hoop op nachtrust)

Het kopieergedrag kan uiteraard ook simultaan.

(zonder flits:)
poang

(met flits:)
poang

cruijff classics

Omdat ik slechts één paar schoenen heb en omdat elke schoenzool een scheur met ambities heeft, loop ik al een hele tijd te jeremiëren dat ik dringend nieuwe schoenen nodig heb.

Deze morgen was ik geheel toevallig te gast in de ondergelopen kelder van een voormalige fabriek om er enkele foto’s te nemen. En een half uur later stond ik mijn sokken uit te wringen. Dus werd lunchtijd geruild voor een schoenenwinkel.

In tegenstelling tot alle andere kledingwinkels, kan ik een schoenenwinkel nog verdragen. Elke rayon heeft een nummer + dat nummer komt overeen met een schoenmaat + ik ken mijn schoenmaat. Makkelijk dus. Ik begeef mij dan naar afdeling 42 en doe mijn schoenen uit. En met een beetje geluk komt niemand op het onzalige idee mij van dienst te willen zijn.

Bovendien zijn mensen-die-schoenenwinkels-bezoeken een héél ander slag dan mensen-die-klerenwinkels-bezoeken. In tegenstelling tot de tweede soort, heeft de eerste soort de neiging om de koopwaar terug in het rek te plaatsen (en niet te gooien) en dat maakt zo’n schoenenwinkel netjes en overzichtelijk. Ordnung muss sein, echt, ik zou kunnen wónen in een schoenenwinkel.

Van mode heb ik geen verstand en van schoenenmode evenmin. Dus misschien was ik wel de laatste op de planeet om het volgende te weten te komen: Johan Cruijff is een schoenenmerk! Er is sinds november 2008 zelfs een Johan Cruijff Shoetique in de Herenstraat in Amsterdam. En ik dacht dat ik zowat alles van de man wist. Ik ben zelfs één van de weinigen die bij zijn wedstrijd-analyses op televisie niet halverwege afhaakt, ik ben dus een Cruijffiaan. Ten bewijze: ongeveer 25 jaar geleden was ik getuige van een hevige vechtpartij in de kleedkamer, twee haantjes vochten er voor het felbegeerde nummer 10 (was het niet voor Maradona, dan wel voor Platini of Coeck) en iedereen was jaloers op de schurk die met het tenuetje ging lopen, terwijl ik ondertussen aan de kant zat te glunderen met het nummer 14 op mijn rug, goed wetende dat het nummer 14 meestal betekende dat je niet echt bij de kern hoorde. (had ik al eens verteld dat ik enkele jaren te laat ben geboren)

cruijff schoenen

Ik heb, denk ik, een Campioni geprobeerd.

Cruijff Campioni

En ik vind ze geweldig prachtig. Maar ze zaten niet perfect. Jammer.

Dan maar schoenen gekocht van een ander merk. En weer op veilig gespeeld. Mossel-noch-vis-schoenen. Goed voor jeans, goed voor geen-jeans. Goed voor de winter, goed voor de zomer.

Pfiejoew. Een mens maakt wat mee.

vrolijk lentelied

Er is wat plaats vrijgekomen in mijn hoofd.
Vanaf nu:

“De winter, de lente, het zit allemaal tussen de oren.”

Ik moet na het werk mijn fietsverlichting niet meer aansteken — en niet alleen omdat ik uitzonderlijk vandaag om praktische redenen met de auto reed, maar gewoon omdat het niet meer donker is om 17u — en daar word ik vrolijk van.
Daar is de lente.

Hetgeen er mij trouwens aan doet denken dat Lena de laatste tijd dingen uit haar botten slaat waar wij allemaal vrolijk van worden. Sinds kort voert zij uitgebreide dialogen met zichzelf — als de poppen het even gehad hebben of als de poppen op straf staan omdat ze elkaar geduwd hebben — en dan zegt ze bijvoorbeeld:

“Kijk Lena, het is nu al een beetje donker buiten.”
-antwoordt ze zichzelf: “Maar ik ben een beetje bang, je moet niet donker maken, je moet licht maken en je moet licht op de gang aanblijven.”
-antwoordt ze opnieuw de andere zichzelf: “Maar Lena, je moet niet bang zijn, want donker is ook wel een beetje lief.”

Het kan niet op. Er zijn geen zieken meer in ons huis. Sinds gisteren hebben we ook de (voorlopig) laatste respiratoir-kinesitherapeutische-zitbalsessie met Zita achter de rug en dat zal ons ongetwijfeld wat meer eh… ademruimte geven in onze dagplanning. Hetgeen ons dus al even ongetwijfeld uit de dagelijkse routine ‘opstaan-kinders-werk-kinders-kinesist/dokter-koken-kinders-doodvallen-opstaan-doodvallen-en weer doorgaan’ zal halen (en we begonnen het net gewend te worden) en dus komt alles weer goed en daar worden wij ook vrolijk van.
Daar is de lente.
(oké, we moeten morgen nog wel op controle bij de dokter, wegens dit weekend opnieuw een longfoto laten nemen, maar we zullen voor het gemak zeggen dat Zita genezen is, iedereen blij dan) (en oké, ze wordt nog steeds enkele keren wakker ’s nachts maar het is niet meer extreem, ze zit nu op het niveau van november ongeveer, en daar kunnen wij mee leven)

En hieronder staat dan het youtube-filmpje dat naar de titel refereert.
Of nee, toch niet, Jan De Wilde is Madonna niet. Dat zou trouwens geen zicht zijn.