melopee

Middag. Graslei. Schoolreiskinderen.

Ze zijn allemaal ongeveer 12 jaar. Ze spreken allemaal Frans.
Ze hebben allemaal een opdrachtenbundel.
Ze moeten de tekst van Melopee opschrijven.

Een stuk van het gedicht staat op de kaaimuur van de Korenlei.
(te zien vanop de Graslei)
Een ander stuk van het gedicht staat op de kaaimuur van de Graslei.
(te zien vanop de Korenlei)

Maar. Aan de verre overkant zitten drie studenten met lange ledematen.
Hun benen bedekken een woord van het gedicht.

Er wordt gejammerd en gevloekt, in het Frans.
Er wordt gegokt maar fout gegokt, in het Nederlands.

Ze zien mij niet, ik zit een meter achter hen.

Ik zeg:

“moede”

Consternatie. Stilte. Gegiechel. Gefluister. Frans.
(en vooral niet! kijken!)

De groep verplaatst zich. Weg van die vreemde Flamand.

Ik had nog kunnen roepen:

“Ik wilde alleen maar helpen! Sorry!
Et je parle aussi un poquito Francés!
Ge moet geen schrik hebben!
Ik ben toch nog maar 34!
Dat is toch een beetje bijna ook nog jong?
Nee?? Echt niet??”

Maar ik zweeg.
En ik zal nog zwijgen in ’t vervolg.
En gewoon mijn broodje verder opeten, Melopee.

Onder de maan schuift de lange rivier
Over de lange rivier schuift moede de maan
Onder de maan op de lange rivier schuift de kano naar zee

Langs het hoogriet
langs de laagwei
schuift de kano naar zee
schuift met de schuivende maan de kano naar zee

Zo zijn ze gezellen naar zee de kano de maan en de man
Waarom schuiven de maan en de man getweeën gedwee naar de zee

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s