“bala toentje, nie balle toentje, nie balle!” [*]

[*Zita zegt: “Voilà, schoentje, ik zet u bovenop de tafel, en durf niet te vallen, durf niet te vallen hé!”]

Frappant hoe bitter weinig ik me nog herinner van de taalontwikkeling van Lena toen ze 2 jaar was. En nu Zita die leeftijd heeft en nu ze volop begint te praten, is dit het enige waar ik zeker van ben: bij Lena ging het echt helemaal anders. Maar hoe? Vergeten.

“TOKKE DELF! TOKKE DELF! TOKKE DELF!” [*]

[*Zita zegt: “Ik had het u toch gezegd papa, ik doe mijn SOKKEN ZELF aan, wtf kan mij dat schelen dat gij te laat komt.” Alzo sprak Zita deze historische woorden op onze oprit, terwijl ze op de grond lag, nadat ze zich daar zelf hysterisch had neergelegd, en terwijl ik een sok van de grond opraapte, de sok die ze zelf had uitgetrokken omdat ik haar een klein beetje had geholpen met de sok aan te trekken.]

Ik word al eens onnozel van de peuterpuberale driftbuien van Zita — maar ook van de kleinige kleuterkantjes van Lena. En ik zou boeken kunnen schrijven over hoe vermoeiend de Dictatuur van Het Ikke-Zelf wel niet is, maar daar ben ik veel te moe voor. En het is ook maar tijdelijk, we zijn ons daarvan bewust. Hoelang tijdelijk nog zal duren, daar durven wij zelfs niet over pronostikeren. Al beseffen we ook wel dat die fase onoverkomelijk is en dat de kinderen op die manier ontzettend veel bijleren, zelfs al blijkt het ego-despotisme bij vlagen behoorlijk onverlicht te zijn.

Consequent is ze anders wel, Zita, in haar taalontwikkeling dan.

De s in het begin van een woord is nog steeds een t en de v in het begin van een woord is steevast een b. Bovendien kent onze Zita op tweejarige leeftijd reeds het verschil tussen stemhebbend en stemloos, aangezien de z een d wordt en de f een p. Zo heeft Zita deze middag frietjes gegeten: “Nog Pietje! Nog Pietje!”.

two famous belgians

De ene heet Fellaini en is nu blijkbaar de voetbalsensatie in Engeland.

De andere heet Brecel, is 14 jaar, en is het snookertalent van ’t moment.

Maar hoe zit dat nu?
Want in de ogen van de meeste Britten is Belgium toch “a byword for boredom: a small, dull country with nothing to commend it and nobody famous ever came from there.”

Nog even geduld en ze gaan niet lang meer lachen met die café-grap van “Name ten famous Belgians”.

zweet

Bijna was ik vergeten hoe een douche aanvoelt na een uur zweten en flirten met de pijngrens.

En hoe verslavend dat gevoel is.

Van ongeveer onmiddellijk na mijn geboorte tot een paar jaren geleden heb ik intensief gevoetbald. Namelijk tot het moment dat mijn knieën bijna gelijktijdig hun veto uitspeelden. Sindsdien zijn er weinig sporten die ik nog kan beoefenen zonder constante pijn in mijn knieën. Iets met stappen of springen of lopen is uit den boze. Zwemmen is oké, maar ik hááát zwemmen. Fietsen ook goed, maar ik fiets sowieso al elke dag naar mijn werk, en om dan ook nog eens te gaan fietsen als sport?

Maar een mens mag niet oordelen zonder het eens gedaan te hebben. Dus ben ik vanavond in groepsles — en met zeer fijn gezelschap — gaan spinnen. En het was moordend zwaar maar bijzonder leuk. Een paar keer doodgegaan, dat hoort erbij.

Ik heb geen woord verstaan van wat de begeleidster door haar microfoontje riep, want de boenkaboenka stond te luid. In het begin vond ik die muziek storend, maar na een tijdje begin je te beseffen dat het vooral die beats zijn die je soms naar een hoger niveau tillen op een moment dat je eigenlijk wil afhaken.

En er zijn ergere dingen dan een heel uur geconcentreerd naar een afgetrainde, in koersbroekje getooide, zich in ’t zweet fietsende mamzel moeten kijken om de instructies te kunnen volgen.

artistiek talent, deel 2

Om even tot rust te komen tussen dans en zang, wordt hier al eens een tekening gemaakt. Lena doet zelfs aan massaproductie, ze vertrekt ’s morgens niet naar school zonder eerst een kunstwerk af te leveren. En in de weekends verslindt ze gemakkelijk een heel tekenblok.

Wij vinden dat niet slecht voor een meisje van 3j.10m.

Onlangs vond ik op zolder een tekening die ik had gemaakt, in het boekje van eerstecommuniedoenertjes van het eerste leerjaar, ik durf die tekening niet te tonen omdat het niveau nauwelijks verschilt van dat van Lena nu, dus het artistiek talent komt alvast niet van mij.

Er wordt ook geschilderd. Al houden we die activiteit meestal achter de hand als beloning voor ’t een of ’t ander.