de overburen

Ik had het al een keer gezegd, in DOK is het goed.

Nu ik opnieuw aan het werk ben, is de verleiding zeer groot om het water over te steken, de lunchpauze op te waarderen en er zelfs een stuk namiddag aan te breien. In vogelvlucht is dat honderd meter, in visvlucht ook zoiets. Maar wij zijn fietsers, dat is een probleem.

Want die fietsbrug die er al een tijd moest zijn, die is er nog lang niet.

Gelukkig maar, het concept ‘overuren’ begint nu al een negatieve invulling te krijgen op mijn prestatierooster.

Fietsbrugbouwers.

fietsbrugbouwers

fietsbrugbouwers

Overburen.

DOK strand

DOK strand

Advertenties

Muur-Muur, een klassieker in wording

Ik hoop dat het een jaarlijkse traditie wordt, mijn laatste verlofdag doorbrengen op een koersfiets, bij voorkeur in de Vlaamse Ardennen.

De avond voordien een paar hellingen gedownload naar mijn Garmin, die hellingen aaneengeplakt met MapSource en dan gezien dat het goed was.

Goed geëquipeerd naar Giesbergen vertrokken en daar om te beginnen al een keer de Vesten en de Muur opgereden. Dan de gps aangezet en naar Brakel gefietst via Deftinge en Lierde. Eikenmolen, Valkenberg, Tenbosse telkens 2 keer op en af gereden. Dan Parikeberg en dan terug naar Geraardsbergen, nog een keer de Vesten en de Muur gedaan, dan Bosberg en om af te sluiten nog een keer de Muur.

A morning well spent.

50 kilometer, dat is meer dan genoeg voor een mountainbike, al ging ik steeds sneller fietsen naar het einde toe. Blijkbaar haalde ik in de afdaling van de Valkenberg 62 km/u — kriebels in de buik. Het andere record heb ik blijkbaar gehaald op de top van de Bosberg: 0,8 km/u — dat was bij Edwig Van Hooydonk lichtjes anders in 1989 en 1991.

62 km/u (weliswaar bergaf)

Het grote probleem van deze hobby: het is geweldig verslavend, de goesting om te fietsen is vandaag nog groter.

Muur

Parike

Garmin

VDB

het liedje in mijn hoofd

Lang geleden dat me dit nog overkwam, een liedekijn in mijn hoofd.

Het blijft er wonen en is eentje dat ik gisteren door de luidsprekers hoorde knarsen op Dok, sindsdien loop ik yipiyaheeey yipahooow te neuriën.

In de persiflage van Hugo Matthysen is het omgekeerd:

Yipiyahoo Yipiyahee
Een echte cowboy houdt van aardappelpuree.

Wat mij trouwens doet denken aan dat cowboyliedje van Kama en Seele.

Ow… Yes! Het is gelukt, er zit een ander liedje in mijn hoofd.

de zee haar werk laten doen

Dat is dat. Terug van een weekje zee.

Nog een geluk dat Zita drie dagen heeft gelogeerd in de kliniek van Veurne want na een paar dagen strand zat ik aan mijn zandquotum voor 2011.

De nacht vóór we naar zee vertrokken had Zita liggen hoesten tot ze gal moest overgeven. Met koorts en al. Dus wij op zondagochtend naar de huisartsenwachtpost.

Als het op dokters aankomt, zijn wij van het dociele soort. Dus toen de dokter zei dat het wel los zou lopen zonder medicijnen en dat we best “de zee haar werk laten doen”, toen zagen wij daar geen graten in.

In Nieuwpoort. Het nachtelijke hoesten bleef, de koorts werd erger. Korte nachten, ook voor Lena die op dezelfde kamer sliep. En Zita wilde nauwelijks nog eten. Dus wij op woensdagochtend naar de huisarts in Nieuwpoort en die wilde dat we naar de kliniek gingen voor verder onderzoek. Ik met Zita naar de kliniek en drie dokters later kon ik Nele bellen om te zeggen dat we er zouden blijven, de radiologie was duidelijk geweest: longontsteking, alweer.

Zita moest aan het infuus. Ze vroegen mij met welke arm ze tekent en kleurt — rechts — en smeerden de linkerarm in met toverzalf zodat de prik geen pijn zou doen. Maar na 3 verschillende prikken in de linkerarm — te stroperig bloed — hebben ze dan maar geprikt in de niet verdoofde rechterarm. Dus Zita was niet alleen aan de baxter gekluisterd maar kon ook haar rechterarm niet buigen wegens gespalkt.

Maar de drugs hebben hun ding gedaan en deze middag is ze ontkoppeld en zijn wij vrolijk ontslagen uit het hospitaal. Hoezee!

kliniek