Forbrydelsen

We zijn begonnen aan de dvd’s van The Killing. Ik vrees dat het hier de komende weken stilletjes zal zijn, we zijn verslaafd sinds ongeveer seconde 1.

Ondertussen hebben we 360 minuten (tot “dag 6”) uitgezeten en moeten we nog 840 minuten van Serie 1 bekijken (om dan nadien aan Serie 2 te beginnen). En Serie 3 is blijkbaar ook in de making.

Forbrydelsen is een meesterwerk. Ik heb al redelijk straffe series gevolgd — The Wire bijvoorbeeld — maar dit is nog van een ander kaliber, het kruipt onder mijn vel. En mocht ik niet beloofd hebben wat ik beloofd heb, dan zou ik vannacht gewoon doorkijken tot de kinderen wakker worden.

Advertenties

gestolen: een halve zaterdag

Mijn fietstassen zijn vannacht leeggeroofd. Normaal zou dat geen probleem mogen zijn maar deze keer zat mijn jas daarin en (zo bleek later) in mijn jas ook mijn huissleutel en identiteitskaart (en nog stylo’s en sjiekletten en nog vanalles). En onder mijn jas nog een fles bubbels en een welverdiende trofee van een derde gedeelde eerste plaats op een heel plezante quiz. Team Rocket rulez. En daarom moesten wij nog iets gaan drinken en daarom had ik met mijn jas een deel van onze prijzen willen camoufleren. (’t is niet omdat uw geheugen vol rugnummers van voetballers zit, dat ge geen stomme stoten kunt uithalen)

Dus was het iets te vroeg dag deze morgen. Opgestaan met minstens één gekneusde haarwortel en meteen naar het mondaine Ekkergem getogen om aangifte van diefstal te doen. Nochtans kan je kleine delicten tegenwoordig online aangeven… mét je elektronische identiteitskaart, ha ha ha.

En dan met pasfoto’s naar de Zuid. En daar moest er worden aangeschoven om een nummertje te mogen trekken om dan te mogen aanschuiven. Want de collega’s maken maandag de brug en blijkbaar moesten nog 250.000 Gentenaren vandaag hun pas gaan vernieuwen.

’s Middags was de slotenmaker er al met nieuwe sloten aan weekendtarief.

Ik weet niet zo goed wat ik nu het ergste vind. Oké, de stoutmoedige diefte, dat is één ding. En dan al die centen en al dat gedoe. Maar het ergste is misschien wel dat ik mijn gedrag zal moeten veranderen. Ik laat meermaals per dag mijn fiets ergens achter en ik was eigenlijk nog maar pas gewoon om die fiets ook altijd op slot te doen. Maar fietstassen met een slot, bestaat dat?

Lang geleden dat ik nog een youtube-filmpje van Unlucky Alf nodig had.
Eerst een dutje.

een paard op een stok

In de kleuterschool wordt druk gerepeteerd voor het Grootouderfeest.

Ze vertelt het met ernst. Levensbelang.

“En wij moeten allemaal een paard hebben!
Een paard op een stok!”

Gelukkig heeft Nele niet veel uitvluchten nodig om al eens achter haar naaimasjien te kruipen.

Deze morgen dan het paard een regenjas aangedaan wegens in de regen te paard op de fiets naar school vergaloppeerd. Blijkt dat Lena helemaal geen paard op een stok vandoen heeft.

Moeders, gelooft nooit uw kinders.

pompoenpannenkoekenfeest

Als er al één voordeel is aan avondwerk, buiten dan het verwaarloosbare gegeven dat je eventueel een winkel of een middagdutje kan doen, dan wel dat je overdag al eens pompoenpannenkoeken kunt bakken met een muziekske op volume schandalig.

Qua pompoenhoeveelheid is de formule nogal simpel: “bloem maal 2”. Ik ging voor 1kg pompoen, dus 500g bloem in mijn deeg. Voor een kilo pompoenvruchtvlees moet je meestal niet meer dan een kwart van een pompoen afsnijden (een pompoen die zichzelf au sérieux neemt, weegt al gauw 5 kilo)

pompoen

Pompoen in stukken snijden.

pompoen

Een taak die je tegenwoordig kan uitbesteden.

Lena en Zita snijden pompoen in stukken

Pompoen koken in lichtgezouten water, 10 minuten.
Afgieten die boel.

gekookte pompoen

Kletsen tegader bij een viertal eieren en wat melk en wat zoetstof (ik heb een goeie scheut Mexicaanse Agavesiroop gebruikt) (maar als u zelf niet van het snobistische type bent, kan dat ook gewoon een zakje vanillesuiker zijn). Liefhebbers doen er nog wat gesmolten boter bij, ik hield het bij een scheut olijfolie.

pompoenpannenkoekenbeslag in de making

Heel even mixen om die pompoendraadjes weg te krijgen.
Bloem erbij. Klaar!

pompoenpannenkoekenbeslag

Een soeplepel = Een pannenkoek.

Pannenkoeken moeten altijd gebakken worden in een prehistorische pan van bij voorkeur een overleden familielid. Heb je dat niet? Dan geen pannenkoeken.

Vuur op maximum en om de twee pannenkoeken een flinterdun schelleke boter op de pan laten sissen.

Omdat het deeg wat dikker is dan normaal beslag, zal het nauwelijks uitlopen tot aan de panrand en dus heel dikke pannenkoeken opleveren, dit valt een beetje op te lossen door het deeg op de pan te kwakken met meer kracht. Uitwrijven heb ik even geprobeerd maar bij mij mislukte dat, ik ben te traag.

pompoenpannenkoek in de making

Een groot voordeel van veel te dikke pannenkoeken: je kan ze veel gemakkelijker in de lucht gooien en dat is zotwijs! Geen foto’s, je zal mij moeten geloven.

een pompoenpannenkoek

Stapelen.

stapels pompoenpannenkoeken

Meer moet dat niet zijn.

Lena en Zita hebben ze deze middag al voorgeproefd en ze hebben zeker 10 seconden niks gezegd, dus ik denk dat ze ongelooflijk lekker zijn.

het museum

Het kan misschien wel kloppen, dat het in deze tijd niet meer gemakkelijk is om kind te zijn als kind. Maar de max is het wel, dat is ooit anders geweest.

Van musea probeer ik mij vooral te herinneren dat ik er als kind met geen stokken was binnen te krijgen — maar wellicht hebben ze dat nooit geprobeerd, dat van die stokken — en dat ze pokkesaai waren.

We hebben nog maar pas het MSK gedaan en deze middag zaten we in het Huis van Alijn. Als wij tegenwoordig de magische woorden uitspreken:

“Zullen we eens naar een museum gaan?”

Dan staan Lena en Zita te dansen van contentement.

De laatste jaren zijn we nog niet in een museum geweest waar ze geen bijzondere inspanningen hebben geleverd om het aantrekkelijk te maken voor kinderen, het museum zelf en een extra speurtocht of zo. En vaak is Vlieg er ook.

Vanmiddag deden we een heuse audio-tour voor kleuters: ‘Poes is jarig’.

De kinderen moesten in elk van de 21 ruimtes op zoek naar poezenpootjes op de grond, in die pootjes stond een volgnummer dat ze konden intikken in hun audio-dink — Lena deed dat volledig zelfstandig, Zita hebben we moeten helpen — en daar kregen ze een stukje van het verhaal en een stukje informatie over de ruimte waar ze op dat moment stonden, lang genoeg om iets te kunnen leren en kort genoeg om het spannend te houden. Dan kregen ze ook nog een stickerblad mee en een verjaardagskroon en af en toe moesten ze dan stickers kleven en op het einde konden ze hun kroon dan uitknippen, vastmaken en opzetten. Voor Zita duurde het misschien een kwartier te lang maar Lena ging er zó in op dat ze ons synchroon vertelde wat Spook Hendrik haar vertelde, terwijl ze grote samenzweerderige ogen trok.

Maar ik had verdorie mijn fototoestel niet mee.

veranderen dat ze doen, de tijden

20 jaar geleden werd ik virtueel gelyncht, denk ik.

Ik ging op reportage voor Gentblogt en op de computer kwam floepsgewijs de volgende alinea uit mijn vingers getokkeld:

Als uw Golf TDI rapper kan optrekken dan de BMW Cabrio van uw vriend, dan is de kans groot dat u deze prestatie wil delen met de wereld. Zo kan iedereen meteen horen en zien dat u een probleem heeft met uzelf (en dat u waarschijnlijk zeer klein geschapen bent). Helaas is dit mannelijk oer-ritueel minder onschuldig dan zomaar wat ‘machismo’ of asociaal gedrag dat de voorbije decennia door tolerant Gent werd vergoelijkt als culturele diversiteit. Die periode heeft (gelukkig) haar kookpunt bereikt.

“Man, man, man,” heb ik gedacht, “met die laatste 2 zinnen ga ik problemen krijgen, dat kan niet anders.”

Vorige week las ik in een krant een column van een journaliste (help mij, was het Lisbeth Imbo?) die vond dat het maar eens gedaan moet zijn met die populistische politieke anti-correctheid. En dat ze vond dat er niks mis is met politieke correctheid.

Voor mezelf heb ik besloten om te stoppen met nadenken of hetgeen ik ga zeggen al dan niet correct is, politiek of niet, zolang het maar mijn weloverwogen overtuiging is. Het mag al eens botsen, ik kan daar tegen. Alles liever dan eerst te moeten nagaan hoe een bepaalde groep of partij er over denkt.

Maar de tijden, ze veranderen dus. Blijkbaar niemand die valt over een formulering die begin jaren ’90 misschien als ‘verdoken racisme’ zou bestempeld worden. Vreemd.

Links of rechts bestaat al lang niet meer. Er is nog extreemlinks en extreemrechts, dat wel, maar verwaarloosbaar. En al de rest zijn meningen, meningen, meningen. Een voorbeeld: je hoeft gelukkig niet meer ‘rechts’ te zijn om te vinden dat iemand een inspanning moet leveren in plaats van een leven lang te teren op een uitkering. En je hoeft gelukkig niet meer ‘links’ te zijn om te vinden dat iemand de wereld naar de kloten helpt als hij met de auto naar de bakker rijdt.

De meningen dansen. En dat is goed. Correct of niet.

vojaadag

Als Lena een tekening maakt, tegenwoordig, dan is ze eerst 5 minuten bezig met letters en cijfers. En dan kriebelt ze er nog snel een tekening bij op minder dan een minuut. De 3e Kleuterklas duurt nog wel een tijdje maar het kind snakt naar Taal en Rekenen. (ze is trouwens niet alleen in haar klas)

Lena zei dat ze een tekening zou maken voor mama haar verjaardag.
En tegen dat ik eens kwam kijken stond dit er al op:

vojaadag

Ze heeft dus “31” en “verjaardag” geschreven.
Er is iets mis met de “31” maar “vojaadag” heeft ze wel perfect geschreven, precies zoals Lena het uitspreekt.