72 uren in Lissabon

We zijn op city trip naar Lissabon geweest.

Lissabon is een stad naar mijn hart. Maar ik vermoed dat elke grootstad (met uitzondering van misschien een paar exotische hoofdsteden als Asjchabad of Bisjkek) een stad naar mijn hart zou kunnen zijn, op voorwaarde dat ik er mag rondstruinen zonder te moeten werken.

Om te beginnen: het klimaat! Maar jong! Niet te onderschatten wat het betekent om de hele dag licht en warmte te hebben. En dat besef je wellicht alleen als je weet wat het betekent om de hele dag door te brengen onder een koude grijze wolk.

Winter in Lissabon

Largo de São Domingos

En het water! Ik heb het nochtans niet zo voor de kust. Maar zonder strandstoelen en zonder lelijke appartementsblokken en zonder schoenenwinkels, is de monding van de Taag van een schoonheid waar ik uren naar kan zitten staren.

Lisboa

Lisboa

Maar ook de rijkdom en de armoede. Het deed me denken aan Brussel, de grootste rijkdom ligt vlakbij de grootste armoede. Vrijdagnamiddag ben ik op m’n eentje de binnenstad ingetrokken (shoppen, iemand moet het doen) (maar ik dus niet). Zonder jas, zonder geld, zonder tas, zonder stratenplan, gewoon mijn neus gevolgd met de bedoeling dan wel eens terug te keren als ik een bus- of metrohalte tegenkom (uiteindelijk heb ik alles toch te voet gedaan) (niet omdat ik mijn Lisboa Card vergeten was, nee hoor, ik had gewoon zin om te stappen).

En ik denk dat ik vrijdag Lisboa profunda heb gezien.

Pompeuze villa’s op een paar honderd meter van de Rua da Palma waar ik in de verwaarloosde zijstraatjes werd aangesproken door eerst een zwarte vrouw met alleen wat vodden aan haar lijf en dan door een junkiehoer zonder tanden.

een optrekje in een betere wijk

tanta casa sem gente, tanta gente sem casa

En al die verschillende wijken! Ik had vandaag al iets gezegd over Alfama en Belém. Maar eigenlijk nog helemaal niks over Baixa of Chiado of Bairro Alto, ons hotel lag precies tussen deze 3 centrumwijken, dus die buurten kennen we het beste. We hebben er ook telkens gegeten, zowel (staand) ontbijt als (zittend) avondmaal.

Bij nader inzien, ik ga er toch niks over vertellen. Mijn inkt is plots.

pequeno-almoço

Rossio (Praça de Dom Pedro IV)

Lisboa

Rossio (Praça de Dom Pedro IV)

Praça Martim Moniz

miradouro

Lisboa

Alfama

Het is allemaal waar wat ze zeggen over Alfama.

Alfama, becos

Alfama, Restaurante Esquina de Alfama, Rua de São Pedro

Alfama, Museu do Fado, Largo do Chafariz de Dentro

In het Museu do Fado kan je met een koptelefoon in een zeteltje zitten en via een computer een fadista naar keuze selecteren uit een lijst van honderd fadistas en dan hun bio lezen en hun muziek beluisteren. Ik heb een tiental stemmen beluisterd en het is niet origineel maar vooral de stem van Mariza vind ik van een goddelijke schoonheid. Muziek, nog zo’n staatsgodsdienst in Portugal.

Bovenop Alfama is een indrukwekkend Moors kasteel met citadel en toestanden.

Castelo de São Jorge

(in de verte) Castelo de São Jorge

Castelo de São Jorge

En een meer dan indrukwekkend uitzicht.

(miradouro) Castelo de São Jorge

Cristo Rei

Ze hebben iets met voetbal, dat had ik al gezegd.
Ze hebben ook iets met Jezus, dat is de zoon van God.
Cristo Rei is 28 meter hoog en staat op een sokkel van 82 meter.

Klim naar één van de ontelbare miradouros in de binnenstad en je ziet Christus ergens staan, met zijn armen open.

Cristo Rei is overal en op alle plaatsen

Cristo Rei is overal en op alle plaatsen

Maar daar trekken deze verliefde vriendinnen zich weinig van aan, denk ik.

Cristo Rei is overal en op alle plaatsen

Portugezen zijn gelovige mensen. En dankbaar. Ik dacht eigenlijk dat dankbaarheidsplakkaten een uitvinding van Oostakker-Lourdes was. Maar neen.

Agradecimento

Belém

Van het centrum van Lissabon hebben we behoorlijk wat gezien. Ver buiten het centrum hebben we alleen Parque das Nações en helemaal aan de andere kant Belém gedaan, twee keer aan de “kust” — het is eigenlijk geen kust want het is de oever van de Taag, al is het in Belém zo goed als Atlantische Oceaan.

Torre de Belém

Torre de Belém

Torre de Belém

Mosteiro dos Jerónimos

Mosteiro dos Jerónimos

Mosteiro dos Jerónimos

Belém is meer dan een toren en een klooster. De president woont daar, officieel. En ze doen rare dansjes voor zijn deur, Palácio Nacional de Belém.

Belém, Palácio de Belém

En je mag er wandelen in de tuin van de president.

jardim

Of taartjes eten, de wereldvermaarde Pasteis de Belém. (dat is dus geen toeristisch gedoe, hebben wij pas nadien ontdekt toen bleek dat de stadsbewoners dat calorieënbommetje binnenspelen bij hun ontbijt)

Pasteis de Belém

Ze hebben daar trouwens ook een brug, Ponte 25 de Abril, lang niet zo lang als Ponte Vasco da Gama. Maar wel schoon.

Ponte 25 de abril

Parque das Nações

Als het over de metro gaat, dan neem ik mijn woorden terug over het openbaar vervoer, of het nu Londen, Parijs, Amsterdam of Lissabon is. Eens je het schema van de metrolijnen begrijpt, is het kinderlijk eenvoudig en gaat het verbazend snel om van de ene kant naar de andere kant van de stad te geraken.

Er was heel even paniek toen ik al door de poortjes was en de technologie plots de Lisboa Card van Nele weigerde. Een zwijgzame Portugees heeft dat opgelost, waarvoor een welgemeende muito obrigado.

Zoveel tekenen aan de wand er bovengronds te zien zijn, geen vleugje crisis ondergronds. Ik denk dat Moody’s noch Fitch noch Standard & Poor’s daar durven komen.

Metro Baixa/Chiado

In geen tijd van Baixa/Chiado via Alameda naar helemaal ver Oriente. Om Parque das Nações te bezoeken en vooral om naar Ponte Vasco da Gama te kijken.

Parque das Nações

Een brug van 17 kilometer, zelfs Annemie Struyf zou daar amaaaai tegen zeggen.
(hierzie, ik heb Microsoft ICE ontdekt)

Ponte Vasco da Gama

Ponte Vasco da Gama
(het was 8u30 in de ochtend, dus ik had mijn jas nog aan)

Ponte Vasco da Gama

Toen we in het Oceanário vergezeld werden van een gedisciplineerde kleuterschool (in uniform!) hebben wij een keer moeten slikken. Maar omdat we op voorhand hadden afgesproken dat we niet aan elkaar mochten zeggen dat het jammer was dat we de kinderen niet mee hadden, hebben we dat dan niet aan elkaar gezegd.

Oceanário de Lisboa, kleuterschool met uniform

Oceanário de Lisboa

sete colinas (elevadores, escadas)

Lissabon is gebouwd op zeven kuitenbijters — sete colinas — en alles wat daar tussen ligt. Wie niet graag klimt, kan hier en daar het hoogteverschil overwinnen met een elevador naar keuze.

Elevador da Gloria

Elevador da Gloria

Elevador da Gloria

Elevador de Santa Justa

Elevador de Santa Justa (Elevador do Carmo)

Ik heb het nog steeds niet voor openbaar vervoer, ook niet als het “gratis” is (we hadden een Lisboa Card aangeschaft). Nee, doe mij maar een flinke trap.

escadas

escadas

En de fiets dan?
Ha ha ha. Fietsen is geen optie in Lissabon, niet alleen omwille van de hoogtes — daar bestaan mountainbikes voor — maar eerder omdat fietsen in Lissabon gelijk staat aan zelfmoord. Auto’s, taxi’s en bussen razen in een rotvaart door de stad, ook langs drukke markten en pleinen. Ze vliegen als zotten op een paar centimeter voorbij de voetgangers die wachten aan het zebrapad (of niet wachten aan het zebrapad). We hebben weliswaar een paar eenzame fietsers gezien maar dan alleen buiten het centrum, in Belém of in Parque das Nacões (waar zelfs een fietsverhuur is).

futebol

Portugezen hebben iets met voetbal. Het land stond in rep en roer omdat FC Porto met 4-0 was vernederd door Manchester City. En dankzij dat liedje waar Lena vorige week mee naar huis kwam, verstond ik de woordspeling op de voorpagina van een voetbalkrant: “Ai City pego!” — Michel Teló heeft vrijdagavond trouwens opgetreden in Lissabon, we zijn niet geweest. Op dezelfde avond, helemaal aan de andere kant van de stad, was er ook een concert van Paolo Fresu in het Cultureel Centrum in Belém, dat is al veel meer mijn ding maar ook daar zijn we niet geraakt, het leven is kiezen. Maar voetbal dus. Futebol!

Donderdag kwam Legia Warschau op bezoek bij Sporting en dat zouden we meer dan geweten hebben. Woensdagnacht hadden enkele tientallen zatte Polen die ze vervroegd hadden vrijgelaten, besloten om wat liedjes, enfin, te zingen. Op een paar meter van ons hotel, waar anders. En dat een hele nacht lang. Donderdag werden die zatte Polen dan bijgestaan door nog een paar honderd andere zatte Polen, die hebben dan de hele dag in de binnenstad liedjes gezongen en cerveja gedronken, wat anders.

We waren net op tijd terug in onze hotelkamer om Matias Fernández de verlossende 1-0 te zien scoren. Ik heb nog geroepen dat het stil was, aan de overkant. En we hebben ze verder niet meer gehoord.

Futebol, awoe warschau, warschau awoe

gelogeerd, in de aap

Ik heb nog andere hobby’s. Zoals daar zijn: het online boeken van het goedkoopste hotel van de stad. 29 euro voor een gerieflijke en propere slaapkamer met eigen badkamer en wifi en televisie en verse handdoeken en al, het was te schoon om waar te zijn. Dat is het altijd.

29 euro voor een kamer

We sliepen aan de straatkant met een raam (enkel glas, uiteraard) dat eigenlijk niet dicht ging, met onderaan een kier waar je zonder moeite een hele school sardinhas kwijt kan. Het was misschien niet zo slim om een hotel te kiezen op een fluim van Rossio, waar het nachtlawaai met veel tegenzin plaatsmaakt voor het ochtendlawaai.

Onze kamer was de hele nacht fel verlicht door een straatlantaarn die voor ons raam hing — neen, alleen witte flutgordijnen — en om het helemaal af te maken was het ’s nachts rillen van de kou als het extra deken bovenop het dekbed een beetje verschoof. Het mag dan wel behaaglijk warm zijn (tot 19°C), de winter in Lissabon, maar ’s nachts koelt het af tot zo’n 5°C.

Nog een tegenvaller: de lieve Pakistaanse jongens aan de balie spraken minder goed Portugees dan ik, dat zegt meer over de lieve Pakistaanse jongens dan over mij.

a língua, o idioma

Bij een vorige reis naar Portugal — in 2004, denk ik, 8 dagen in het Zuiden — had ik me nog uit de slag getrokken door onbeschaamd Spaans te spreken met hier en daar een Portugees woord ertussen. Nu had ik me veel beter voorbereid en eerst een paar avonden (het internet + nachtrust) opgeofferd om Portugees te leren, waardoor ik me deze keer uit de slag kon trekken door te doen alsof ik Portugees spreek met hier en daar een Spaans woord ertussen.

pintado de fresco

Het is een hobby als een ander, ik leer graag talen. En hoe meer talen ik leer, hoe vlotter het gaat. En 6 jaar avondschool Spaans blijkt geen slechte basis om Portugees te leren. Van zodra je de truc verstaat om de meeste klanken wat langer uit te rekken en de Spaanse z of y uit te spreken als zzzzj en de Spaanse jota te veranderen in een langgerekte JJJJJ en hier en daar nog een m achter een woord te plaatsen en er dan om de 2 klanken een welgemikte oe tussen gooien en dat alles samen uit te spreken alsof er een volledige pastei de nata in je mond zit, dan, dan lukt het wel.

Het ligt in mijn mond, Portugees, in grote tegenstelling tot bijvoorbeeld Frans (die taal krijg ik maar niet te pakken).

Deze nacht heb ik mezelf en het tekstboekje van één van de twee cd’s van Mariza die ik in Lissabon kocht, helemaal verdronken. Daar wil je niet bij zijn.

feestjes

Ik weet niet hoe dat bij u zit maar ik weet wel hoe dat bij ons zit, namelijk aan een gemiddelde van 1 verjaardagsfeestje per weekend. Ofwel moet Lena naar een feestje, ofwel moet Zita naar eeen feestje.

Met het gevoel dat ik ze nu al een beetje kwijt ben, die dochters van mij.

Gelukkig komt er af en toe een mailtje binnen met foto’s.

prinses

(Zita had zichzelf mogen schminken, blijkbaar)

kirikou

Gisteren ging ik met de kinderen naar de cinema, naar Kirikou.

Voor Zita trouwens de eerste keer dat ze van begin tot eind mee was met een langspeelfilm. Nochtans hebben we de eerste film, die met die heks, nog niet gezien.


 In Amerika heeft Kirikou blijkbaar slechts een paar obscure bioscoopjes gehaald. Universal wilde weliswaar de (eerste) film verspreiden maar dan enkel op voorwaarde dat filmmaker Michel Ocelot bij alle blote borsten een flink stuk textiel zou tekenen, alsook bij het miniatuurpiemeltje van Kirikou. (dat is dus niet doorgegaan)

Kijk, daar kan ik nogal ambetant van worden: Amerikaantjes en Ethiek. Een Hummer voor uw zestiende verjaardag, een schietgeweer in uw schuif, maar niet naar blote borsten kijken als ze bloot zijn. Geen wonder dat heel dat continent leeft op compensatiedrang.

asimostelatayayasiyopiyotepegolalalanossanossa

Een bekentenis op vrijdag. Ik ben de laatste tijd eerlijk gezegd niet zo heel erg bezig met de Ultratop. (de enige top die hier nog in huis komt, is die van Vox, ’t is erg, maar ik mag dat, ik heb een baard)

Dus. Als Lena thuiskomt met een liedje dat we nog niet kennen, in een koeterwaals dat we niet begrijpen, dan zetten we de zoekmachine van Youtube aan.

“Lena, in welke taal is dat liedje?”

“In het Turks!”

“Ben je zeker?”

“Ja! Ik heb het geleerd van L. en die spreekt Turks!”

“Zing het nog eens, dan.”

“Asimostelatayayasiyopiyotepegolalalanossanossa”

Dus het heeft wat langer geduurd dan normaal maar uiteindelijk hebben we het toch gevonden. Het liedje is in het (Braziliaans) Portugees en het heet Ai se eu te pego! en u loopt dat waarschijnlijk al weken te zingen maar voor ons is het een ontdekking.

Ik ben niet de meest popgevoelige mens maar dit nummer is een oorworm zoals er niet veel oorwormen meer gemaakt worden. (en dat ik dringend mijn gebrekkig Portugees nog eens van onder ’t stof moet halen want ik zal het zeer binnenkort vandoen hebben)

een verpleegster met baard en snor, een piloot van een vliegboot met een rok

Zita wilde absoluut als verpleegster naar carnaval.
Zita wil later verpleegster worden, “of mama, dat weet ik nog niet” (sic).

Lena wilde absoluut als piloot naar carnaval.
Lena wil later piloot worden, “of juf, want voor piloot moet je studeren” (sic).

Maar er stond gek verkleed op het briefje van de juf.

Deze morgen werd een compromis bereikt waar iedereen zich goed bij voelt.

carnaval

carnaval

een goddelijke interventie

Ik was er het hart van in. Helemaal van mijn chocomelk.
Kloppingen, koudzweet, wanhoop.

De onderwand van het nieuwe badkamermeubel heb ik onherroepelijk* verkeerd gemonteerd — en nu zou ik kunnen proberen uitleggen dat ik daar niks aan kan doen want dat het eigenlijk de fout van een luie Zweedse tekenaar is, maar ik zou mij zelf ook niet geloven, dus laat maar — waardoor de onderste lade niet volledig dicht kan.

*Onherroepelijk in die zin dat het meubel al in de muur verankerd zit met daarop reeds de lavabo vastgesiliconifeerd en al.

En toen werd de badkamer plotsklaps charismatisch verlicht door een deus ex machina en bleek dat ook de bovenste lade niet volledig dicht kan want die botst tegen de afvoer (en die afvoer staat niet alleen veel te hoog, dat is nu eenmaal zo, maar de buis die er naartoe leidt kan ook onmogelijk nog dichter tegen de muur).

Op miraculeuze wijze komen die twee schuiven nu zo goed als millimetrisch perfect boven elkaar te passen. Een religieuze ervaring, ik moet het u niet vertellen.

En ik die dacht dat God niet bestond, silly me. Blijkt dat de sukkelaar zich onmogelijk kan moeien met triviale tralala zoals het wereldleed, God heeft het namelijk veel te druk met het oplossen van badkamerdrama’s. (en ook een beetje met het winnen van Amerikaanse voorverkiezingen en andere heilige oorlogen, denk ik)

dan nog eens bij te schrijven in de lange reeks ‘hoe weet je dat het weekend alweer een dag te kort was’

Als je op zondagavond om 21u30 zweert op het graf van de dan nog eens dringend te overlijden Ingvar Kamprad dat je nooit nog — nooit nog! — zelf probeert om een badkamer in elkaar te knutselen (nadat je de ongelezen weekendkrant bij het oud papier hebt gegooid, naast de ongeopende doos met de nieuwe tweedehandsschaatsen).