Toreke

Woensdag ging ik er lekker lunchen voor geen geld.

Toreke

Vandaag was Toreke van dienst als foyer van Kopergietery Rabot.

Toreke

Toreke

Overigens een prachtige voorstelling, Twee Vrienden. Het was een kleine gok om ook Zita mee te nemen naar een toneel voor 7+ maar we hebben er geen spijt van. De woordenschat was soms te moeilijk maar ze heeft ongelooflijk genoten en ze heeft de boodschap ongeveer begrepen.

Voor Lena was het zelfs een beetje confronterend, ze kon zich na het toneel moeiteloos identificeren met vriend ‘Vertongen’. We hebben nadien ook het magnifieke tekstboek aangeschaft, hetgeen Lena vanavond nog meteen verslonden heeft. (na de speeltuin)

Opgeëistenlaan

Ook deze middag nog even de stadshal bezocht, in de overtuiging dat we er onderdoor konden, helaas was alles afgezet.

stadshal

stadshal

Advertenties

boekenwurm

Of Lena nog steeds verslaafd is? Amai nog niet.

Elke avond, van 19u tot 19u30, leest ze een boekje in haar bed. En nu ons bibliotheekseizoen weer gestart is, heeft ze de Jommekes aan de kant gelegd. Deze morgen, van zodra Zita naar de zwemles was, vroeg ze of de televisie uit mocht.

Godgeklaagd, die kinders van tegenwoordig.

Alleen het ‘Stillezen’ — bestaat dat eigenlijk nog op school? — is nog te luid.

De Stem van Vlaanderen

De VTM en Het Nieuwsblad lanceren De Stem van Vlaanderen, een stemtest voor de gemeenteraadsverkiezingen. Eerst je postcode invullen, dan bij een aantal stellingen een schuifballetje verplaatsen tussen ‘niet akkoord’ en ‘akkoord’.

Als resultaat krijg je de lijsttrekker bij wie je meningen zich het beste thuisvoelen.

  • Plaats 1: Matthias De Clercq (Open VLD)
  • Plaats 2: Tom De Meester (PVDA+)

“Bien étonnés de se trouver ensemble”, zegt men dan.

Serieus. Wat moet ik daar nu van denken?

waarom ik niet op u stem (deel 3)

Bij regenweer ben ik moeilijk te onderscheiden van een N-VA-militant. Veilig is het anders wel, zo’n knalgele fietsjas. Ik zal ook deze keer niet kiezen voor de lijst van N-VA, al moet ik ootmoedig toegeven dat ik in hun programma heel wat punten heb gelezen die mij genegen zijn. Bovendien vind ik het N-VA-programma doordacht, duidelijk en vlot leesbaar (in tegenstelling tot de programma’s van de vorige afleveringen: deel 1 en deel 2).

Vooral in het hoofdstuk ‘Leefbare stad’ heb ik bij de ‘Actiepunten’ rond mobiliteit heel wat goede dingen gelezen: suggesties waar ik als fietser volledig kan achterstaan, voorstellen die concreter zijn dan wat ik al gelezen heb bij andere partijen. Een voorbeeld:

Wij investeren prioritair in hoofdfietsassen die de deelgemeenten met absolute voorrang verbinden met het centrum en de stations. Wij leggen fietspaden aan met aandacht voor de functionele niet-assertieve fietser. Wij breiden het aantal beveiligde fietsenstallingen uit en passen de verkeerslichtenregeling aan om de doorstroom te verbeteren.

Wij moedigen het gebruik van de fiets als het snelste en het goedkoopste vervoermiddel sterk aan, zeker voor wat betreft de afstanden onder de vijf kilometer. Met de elektrische (deel)fiets stimuleren wij ook senioren om de fiets te gebruiken.

Wij herwaarderen in de landelijke gebieden – in overleg met bewoners en landbouwers – de trage wegen voor functionele en recreatieve fietsers en voetgangers. Wij maken in de 19de-eeuwse gordel werk van comfortabele en veilige doorsteken voor fietsers en voetgangers.

Wij nemen infrastructurele maatregelen om de snelheidsbeperkingen tot 30 km/u duidelijker zichtbaar te maken. Verkeersborden alleen volstaan niet.

Naast mobiliteit zijn er nog heel wat andere punten die ik sympathiek vind. Maar bij een aantal ‘Actiepunten’ heb ik mij afgevraagd of hetgeen N-VA voorstelt eigenlijk niet al een hele tijd bezig is. Een voorbeeld:

Wij verwachten in het bijzonder dat nieuwkomers onze taal leren. Wij moedigen ook mensen die dat niet verplicht zijn aan om een inburgeringstraject (inclusief taallessen) te volgen. Wij organiseren en promoten een cursusaanbod dat beantwoordt aan de bestaande noden. Wij stimuleren de ouders om hun kinderen naar de kleuterschool te sturen, zodat zij geen taalachterstand oplopen.

Oké, dat is niet eerlijk: ik werk in de branche en ben dus op de hoogte van hoe de voorbije 6 jaar het inburgeringsbeleid in deze stad ongelooflijk uitgebreid is, ongelooflijk verbeterd is, ongelooflijk verstrengd is. Dus bovenstaand voorstel is niets minder dan pure stemmenronselarij. Dat voelt een beetje aan zoals de krant lezen: zolang je niet op de hoogte bent van het dossier in kwestie, neem je alles voor waar aan, tot de krant over uw hobby of over uw werk schrijft en dan blijkt het artikel plots vol fouten te staan. Als de N-VA mij toestaat om even hun eigen vlaamsnationalistisch vocabularium boven te halen: ik vind bovenstaand ‘Actiepunt’ een kaakslag voor iedereen die de voorbije legislatuur voor inburgering heeft gewerkt.

Los van het programma, in het algemeen, zijn er bij deze partij een aantal aspecten waar ik niet voorbij kan: ik hou niet van de stijl van hun burgemeester-kandidaat (Siegfried Bracke) en ik hou vooral niet van hun partij-discours. Gentse N-VA’ers hebben wellicht de afspraak gemaakt om bij elk betoog het woord ‘paars’ een aantal keren te gebruiken, liefst met een cynische ondertoon. En als ze dan ook nog over de ‘PS-staat’ of over het ‘rode fabriekje’ beginnen, dan haak ik helemaal af. Ik vind dat politiek nooit een verhaal van ‘wij tegen zij’ mag worden. (al stoor ik me al even erg aan het N-VA-bashen, doch dit ter heeltegans linkerzijde)

N-VA mag ook niet vergeten dat ze voor een eventuele coalitievorming minstens een halfje paars nodig zal hebben en dat ze op hun ex-kartelpartner alvast niet kunnen rekenen voor hun gedroomde rechtse meerderheid (als CD&V in deze stad al een paar stemmen zal halen, dan zullen ze dat in de eerste plaats aan een aantal verdwaalde Turkse kiezers voor Veli Yüksel te danken hebben)

waarom ik niet op u stem (deel 2)

Het zou niet gelogen zijn als ik zeg dat ik vooral niet op CD&V stem omwille van de ‘C’. Maar het zou wel intellectueel oneerlijk zijn, mijn kinderen zitten namelijk op een katholieke school — al is dat wat mij betreft nooit een bewuste keuze geweest (op onbewaakte momenten durf ik al eens pragmatisch zijn).

Voor alles is een eerste keer: ik heb het verkiezingsprogramma van de tsjeven* helemaal gelezen.

De andere partijprogramma’s moet ik nog wat beter uitpluizen maar bij het CD&V-programma valt het mij bijzonder op dat bijna alle ‘speerpunten’ een aanzienlijke meerkost impliceren. Of het nu gaat om het optrekken van leefloon en andere uitkeringen, de uitbreiding van politie- en wijkcommissariaat of de creatie van ‘1000 nieuwe banen voor laaggeschoolden in de Sociale Economie’,… het gaat allemaal extra centen kosten. Nog meer dan de programma’s die ik al van andere partijen heb gezien, is dit programma een ouderwets ‘beloven-beloven-beloven’.

Ik vraag me trouwens af hoeveel traditionele CVP-stemmers — meetjes en peetjes — de partij zouden laten vallen indien ze wisten wat het onderstaande speerpunt effectief betekent:

“CD&V Gent wil etnisch-culturele verenigingen structureel ondersteunen (financieel, logistiek, omkadering) en ze nauwer bij het beleid betrekken door de verdere uitbouw van inspraakkanalen die minderheden een stem geven.”

Nee, het stoort me dat deze partij voor alles en iedereen goed wil doen, zonder ooit echt stelling in te nemen.

“In de Gentse deelgemeenten blijft het voor vele winkels absoluut noodzakelijk dat ze bereikbaar zijn met de wagen en dat ze voldoende parkeergelegenheid bieden. CD&V Gent wil daar rekening mee houden.”

Voor het hoofdstuk Mobiliteit heeft CD&V maar liefst 24 speerpunten. 17 punten daarvan hebben rechtstreeks of onrechtstreeks betrekking op de auto. En van die 17 punten zijn er 7 punten die over parkeerplaatsen gaan. Een visie op mobiliteit? Niks van, dit gedeelte van hun programma is een kartonnen doos met pleisters voor een houten been.

Ik heb nog het meest moeten lachen / huilen met dit:

“CD&V Gent wil dat de stad – desgevallend in samenspraak met het Vlaamse Gewest – de ‘zwarte verkeerspunten’ in kaart brengt en die prioritair aanpakt.”

Ten eerste: die ‘zwarte verkeerspunten’ kent iedereen die met de fiets door groot Gent rijdt, daar is al lang geen onderzoek meer voor nodig, misschien één mailtje naar de Fietsersbond. Ten tweede: zolang er geen structurele maatregelen komen die het nog steeds toenemende autoverkeer in Gent kunnen terugdringen, is ‘aanpakken van zwarte punten’ een lapmiddel. En met structurele maatregelen bedoel ik dus niet: iedereen voldoende parkeerplaats beloven.

CD&V = mossel noch vis, ik heb nooit anders geweten.

_________________________
* Ik weet trouwens nog maar pas, sinds een rondleiding vorige maand n.a.v. de verhuis van onze school, dat het woord tsjeef zou verwijzen naar de Sint-Jozefskerk op het Rabot.

digter

Ik denk dat Coenraad zijn lijst uiteindelijk niet ingediend heeft. Enfin, ik zie het in elk geval niet staan bij de kieslijsten van Gent.

Geen ramp. Uitgezonderd punt 16 en 21, is het prettig gestoorde programma van Digter niet echt mijn ding.

EISENPAKKET van de Politieke Partij ‘DIGTER’ !
De PARTIJ van de SCHEPPENDE KUNSTENAARS !

Partijlokaal : Cafee Boek-Ottogracht 5O-HOERA-City !

1. WIJ EISEN de Herverdeling van de Liefde, zodat iedereen meer aan zijn trekken komt !

2. Het dichten van de kloof …tussen Kunst en Wetenschap !

3. Minder werk voor iedereen !

4. Omverwerping van de Dictatuur van het Orgasme !

5. Een maandelijkse Gemeenteraad voor Kinderen !

6. De Sint Baafskathedraal dient BLAUW geverfd, waardoor het Toerisme aangezwengeld wordt en de Horeca-sector vriendelijk !

7. Iedereen die kan bewijzen dat hij geen televisie heeft, krijgt een Gratis Abonnement voor alle Culturele Aktiviteiten !

8. Op vertoon van een Boek verwerft iedereen het Recht op Gratis Openbaar Vervoer !

9. Dertig-plussers kunnen Gratis beroep doen op Steun- en Plantrekkers om veilig thuis (of elders) gebracht te worden !

10. Drugscriminelen dienen elk 500 uren aardappelen te schillen ten bate van de frituren teneinde de echte, Belgische Friet in ere te herstellen ! Weg met de Voorgespannen Beton-frieten !

11. WIJ EISEN een gezellig Bos op de Vrijdagmarkt met Opgewekte Zangvogels, Versgeslepen Stekelvarkens en Gedienstige Stadsaapjes !

12. Een Fulltime instapklaar en verwarm Zwembad op de Kouter onder een glazen stolp met gaatjes !
Basketbalpalen en Mini-Voetbalgoaltjes op het Autovrije Sint Pietersplein !

13. Honderd Vleugelpiano’s in het Vervallen Justitiepaleis !

14. Wekelijks gratis AIDS-bloedcontroles voor Iedereen, zodat het Doemdenken over de Vrije Liefde ons geen Fluit meer kan schelen !

15. Gratis Tandverzorging voor wie Niet Rookt !

16. Alle Fietspaden moeten Lichtjes naar Beneden lopen !

17. Psychiatrische Instellingen moeten worden omgebouwd tot Aantrekkelijke Wooncentra voor Daklozen, Uitgebluste Dames van Vederlichte Zeden, Uitgerangeerde Politici en Ontslagen Vakbondsmilitanten !

18. Leden van de ‘Gebroeders Vendelzwaaier’ dienen een Chip in de hersenen ingeplant, die onophoudelijk de geluiden van een Slaande Koekoeksklok verspreidt !

19. Gentenaars die de Belgische Kust opzoeken, worden verzocht elk een Emmertje Strandzand naar HOERA-City mee te brengen om dat uit te kieperen in het havenwater alhier zodat een Verzandingsproces op gang komt dat op Middellange Termijn leidt naar het ontstaan van een Gigantisch Vogelreservaat !

20. Gezien HOERA-City zich graag voordoet als belangrijkste kunststad in ons koninkrijk, dient het VEEL BETER voor zijn Scheppende Kunstenaars te zorgen !

21. A.A. GENT KAMPIOEN !

KUNSTENAARS DIENEN NIET TE LIJDEN,
KUNSTENAARS MOETEN LEIDEN !

Uw Partijvoorzitter,

COENRAED dE WAELE

waarom ik niet op u stem (deel 1)

14/10. Het wordt weer moeilijk. Ik ben pas begonnen met mijn traditionele verkiezingscrisis en probeer voor de gemeenteraad de lijst te kiezen waarvan ik achteraf geen spijt wil hebben. Maar ik vrees dat het opnieuw een negatieve keuze wordt: de lijst die mij het minste tegenstaat. Voor elke partij, voor elk programma, heb ik minstens één goede reden om er niet voor te kiezen.

Waarom ik bijvoorbeeld niet voor Open VLD kan kiezen, dat had ik al uitgelegd. En dat vind ik eigenlijk wel jammer, want bijvoorbeeld bij een belangrijk thema als werkgelegenheid / activering vind ik Open VLD in vele discussies de partij die vaak realistisch het midden houdt tussen enerzijds een veel te naïeve linkse reflex waar elk probleem moet worden opgelost met extra steun of begeleiding en anderzijds een veel te rechtse reflex waar elk probleem moet worden opgelost met een sanctiebeleid.

Misschien moet ik er maar een reeksje van maken. Laten we opnieuw beginnen met de post. Vandaag in de brievenbus: de aanbiedingen van ALDI en een folder van Vlaams Belang. Ik zal er één puntje uitlichten, dat moet volstaan. Ik citeer:

“Alleen indien we aan de vele hier verblijvende vreemdelingen duidelijk maken dat ze hier enkel welkom zijn indien ze zich aanpassen en Vlaming onder de Vlamingen worden, pas dan kunnen we van Gent opnieuw een Vlaamse en leefbare stad maken.”

U leest het goed: “Vlaming onder de Vlamingen” en “opnieuw een Vlaamse en leefbare stad”. Ik weet niet hoe dat met u zit maar ik krijg daar dus echt kou van. Ik ga zwijgen over de wansmakelijke gelijkschakeling tussen ‘Vlaams’ en ‘leefbaar’, daar moet ik van overgeven. Ik zal me beperken tot het eerste: “Vlaming onder de Vlamingen”, dat kan dus niet. ‘Vlaming’ is een woord zoals al die andere duizenden woorden waarmee je mensen kan sorteren (zoals ‘allochtoon’ of ‘voetballer’ of ‘single’ of ‘hobbykok’). Ik weet eigenlijk niet wat dat is, een ‘Vlaming’, ik weet alleen dat ik het zeker nooit zelf wil zijn als een politieke partij vindt dat iedereen het moet worden. Het VB verwart ‘leefbaar’ met ‘oersaai’, dat is wel het laatste wat ik Gent toewens.

De rest is voor een volgende aflevering.

de trein

Een geluk dat 7 op 10 mensen nooit het openbaar vervoer neemt, we hadden anders onze krappe staanplaats (tussen 2 treincompartimenten) met meer dan 20 mensen moeten delen, zoals gisteravond het geval was op de trein tussen Brugge en Gent.

Ik ben geen fan van trein-tram-bus, dat is zeer zacht uitgedrukt. Geen wachtend gat. Het heeft ook te maken met mijn ‘comfortzone’, de zone binnen een periferie die ik op sommmige dagen wat ruimer teken dan op andere dagen.

Maar zolang de trein nemen garant staat voor dolle familie-avonturen, nemen wij met veel plezier de trein.

autoloze treindag

autoloze treindag

autoloze treindag

autoloze treindag

o-yooo!

Ik vermoed dat het een vrij recent en een louter Gents (Oostakkers?) fenomeen is en dat het voorlopig alleen voorkomt in het taalregister van 3- tot 12-jarigen. Maar ik ben niet zeker.

“O-yooo!”

Iemand moet ooit de eerste geweest zijn. Ergens was ooit een kind dat iets heel belangrijks niet vlot genoeg gezegd kreeg en in plaats van…

“Juf! Dingske heeft een regenworm opgegeten!”

zei het kind als bij wonder:

“O-yooo!”

Waarop een ander kind moet gedacht hebben dat het fantastisch klonk en gemakkelijk in de mond ligt. Het principe is eenvoudig, weinig kreten die qua semantiek zo gemakkelijk uit te leggen zijn: je ziet iets waardoor je mond spontaan de ‘o’-vorm aanneemt, een fysieke reactie die je kan benadrukken door er ‘yooo’ bij te plaatsen en klaar is kees.

Lena en Zita doen het ook voortdurend, onbewust. Lena steekt haar handen in de soep en Zita zegt “O-yooo!”, Zita steekt een hele aardappel in haar mond waardoor die er opnieuw uitkomt en Lena zegt “O-yooo!”. Op televisie zien ze iemand van een rots duiken en ze roepen in koor: “O-yooo!”.

En zo gaat dat maar do-yooor, de hele dag.

als u niet kan kiezen, dan ik ook niet

Ik was bij mijn vorige post nog niet uitgesproken. Maar ik zou het onkies vinden om dit er in één adem bij te zetten: hoeveel gescheiden fietspaden hadden er eigenlijk al kunnen liggen als er echte keuzes worden gemaakt?

Gemakkelijk roepen aan de zijlijn, zegt u? Zo is dat. Maar ik probeer het uit te leggen. Als voorbeeld neem ik het verkiezingsfoldertje van Geert Versnick, dat zat deze morgen in mijn brievenbus en ligt hier toevallig naast mij. Sorry, Geert, binnenkort schiet ik ook op de rest.

Bengelt daar onderaan op zijn prioriteitenlijstje — na het obligatoire “meer blauw op straat” en blablabla — toch wel niet het volgende. Geert wil:

“Het mobiliteitsprobleem onder handen nemen door middel van een grootstedelijk mobiliteitsbeleid dat alle vervoersmiddelen en gebruikers evenwaardig behandelt.”

Bullshit. Bullshit.

Beste Geert, beste Open VLD, we leven in de 21e eeuw. “Een grootstedelijk beleid dat alle vervoersmiddelen evenwaardig behandelt”, is een belachelijk prehistorisch idee. Ik ben zelf automobilist en als ik bijvoorbeeld naar Amsterdam rij, zal ik er nog niet aan denken om met mijn auto tot in de binnenstad te proberen rijden.

Mobiliteit valt of staat met mentaliteit. Dat krijg je niet door alle vervoersmiddelen evenwaardig te behandelen. Gent staat stil, tussen 8 en 18u, dat heeft in de eerste plaats te maken met het aanzuigeffect van tig ondergrondse parkings, knal in de binnenstad.

Als binnenkort een verhoogd fietspad wordt aangelegd in een Antwerpse- of Andere-steenweg, dan zal dat járen te laat zijn omdat (onder andere) uw partij de spreekbuis is van vele handelaars die moord en brand schreeuwen omdat de parkeerplaats voor hun winkelruit zal sneuvelen, klanten zullen binnenkort minstens 20 à 30 meter moeten stappen met die kipfilets of die koffiekoeken tot de dichtstbijzijnde parking, dat is helemaal niet eerlijk want de fietsers kunnen voor de deur van de winkel stoppen (en dan hun fiets aan de overkant van de straat parkeren want meestal hangt er een verboden-fietsen-stickertje op de winkelruit, doch dit terzijde).

Of bedoelt u eigenlijk iets helemaal anders met “evenwaardige behandeling” van “alle vervoersmiddelen” en heeft u dat alleen maar zo vaag mogelijk geformuleerd om al uw auto-minnende kiezers niet te verliezen? In dat geval is enige concretisering van uw actiepunten welkom op dit adres.

in related news: Toeristen komen massaal met de auto naar Gent
(in tegenstelling tot andere kunststeden)

de stadshal

Een mening over de stadshal, daar zat u ongetwijfeld op te wachten.

Dankzij de controverse heeft onze nieuwe stadshal 3 dagen op rij de nationale pers gehaald. Maar ik ben het niet eens met de bewering dat het de Gentenaars in 2 kampen verdeelt. Alsof pre-electorale spelletjes, een handvol internet-fora en een paar smoelboekgroepen representatief zouden zijn. Amusant is het anders wel, ik moet me inhouden om hier geen zevenendertig hyperlinks tussen te gooien. (maar voor de liefhebbers: gentblogt is een begin)

Deze middag sprak ik met een aantal mensen die voor ’t eerst een kijkje kwamen nemen, er was niet één persoon bij die volledig pro of volledig contra was. En ikzelf heb ook gemengde gevoelens, neigend naar pro.

Want ik ga akkoord met de architect die op het nieuws toegaf dat de opening wellicht te vroeg kwam, het is momenteel onvoldoende duidelijk hoe het plein zal aanvoelen.

Ik ben het ook eens met Termont die het nonsens vindt dat mensen zeggen dat de stadshal het historische uitzicht op de torens wegneemt. Koop een postkaart naar keuze (met onze drie torens) en probeer vandaag dezelfde foto te nemen… de stadshal zal er zeker niet op staan. Dus dat ‘probleem’ stelt zich enkel op het Emile Braunplein en in de Donkersteeg, niet op de Sint-Michielshelling of de Cataloniëstraat waar al die schone plaatjes gemaakt worden.

Het is nog niet af en ik weet niet goed wat ik er van moet denken. Maar ik denk dat ik het schoon zal vinden. Ik denk ook dat het een nieuw meeting point wordt. Prachtige grote zitbanken in overvloed. Het moet maar eens gedaan zijn met al die jonge gasten die afspreken voor de spuuglelijke veranda van de McDonalds.

stadshal

[veel meer foto’s]

de eerste schooldag

Ze schitteren, die grote blauwe ogen.

“Ik heb mijn huiswerk al gemaakt!”

Dat zegt ze wanneer ik thuiskom, nog vóór ik de kans krijg om ‘dag’ te zeggen. Even later zet ik voor het eerst in mijn leven een (eigen) handtekening in een klasagenda, nadat ik twintig jaar geleden veelvuldig geoefend heb met andermans nagebootste handtekening.

Op de eerste dag van het eerste leerjaar, heeft Lena het woord “ik” leren lezen en schrijven. Het huiswerk was een “ik”-blad waar ze het woord enkele keren moest aanduiden tussen andere woorden, daar heeft ze toch zeker 20 seconden aan gewerkt. De werkboekjes die ze in de vakantie verslond — daar zitten wij voor niks tussen — waren een pak moeilijker maar dat is ze al lang vergeten. Ze glimt van trots en ze voelt zich fantastisch. Waar is dat hout?

En Zita? Die is vandaag gestart in de 2e kleuterklas. Omdat ze heel veel honger had, kon ze niet vertellen hoe haar dag was. Ze heeft iets met parels gedaan en het was leuk. Meer info hebben wij vandaag niet nodig.