de computergeneratie

“Ja maar, gij zijt van de computergeneratie! In onzen tijd bestond de computer niet!”

Dat is wat elke lesgever ICT in het volwassenenonderwijs te horen krijgt. Ik zeg dan altijd: “Awel, in mijn tijd bestond de computer ook nog niet.” En dan geloven ze mij niet.

Vandaag heb ik nog een aantal dozen oud papier weggegooid. Van sommige documenten maakte ik eerst een foto.

Bewijsmateriaal:

de computergeneratie

1993 1996, dit zijn al mijn werkjes voor het vak geschiedenis in de lerarenopleiding. Met de hand geschreven. Van elk werkje eerst 2 kladversies gemaakt, dan ‘in het net’ overgeschreven, dan een kopie gemaakt voor mezelf, dan het origineel afgegeven.

Niet alleen mijn studentenkamer maar bij uitbreiding heel ‘arm’ Vlaanderen was op ICT-vlak onderontwikkeld. Toen ik in 1998 een half jaar aan de Hogeschool Amsterdam studeerde, liepen de Nederlandse studenten daar rond met een gehuurde laptop van de school, elke student had ook een e-mailadres. E-mail, ik had er toen al van gehoord maar ik dacht dat het eerst in de oven moest.

Advertenties

migranten

Migranten. Misschien een ideetje voor het Gentse bestuursakkoord?

migranten

Oké, modern is het niet, het is al even stigmatiserend als Gentse Turk.
(trouwens, de randdebiel die dat heeft bedacht mag voor mijn part voor eeuwig door het leven gaan als Gentse Bruggeling met verstandelijke beperking).

Zegt een Gentse Waaslander die graag gewoon een Gentenaar zou zijn.

oude gloriën

We hebben kastruimte. Dus ik naar de zolder in het ouderlijke huis, daar stond heel mijn jeugd verzameld in 10 kartonnen dozen. 9 dozen heb ik weggegooid, de dozen met papier en boeken heb ik zelfs niet opengedaan.

1 doos heb ik meegenomen, een doos met goede herinneringen.
Een voorbeeld:

kampioen

De laatste match van het seizoen, alsof het gisteren was. Omdat de linksback zich had geblesseerd mocht ik een hele wedstrijd meespelen (anders alleen de 2e helft), ik wist met mijn geluk geen blijf.

Mijn opdracht was eenvoudig, dat vond ik goed. Ik was 10 jaar en weet nog woordelijk wat de trainer zei. “Nooit afwijken van je lijn, nooit lopen met de bal, nooit op de helft van de tegenspeler, je onderschept elke bal op je lijn en je speelt die onmiddellijk door naar de midmid of de linksvoor, altijd.”

En zo deed ik dat, toen was ik nog gehoorzaam. De rest van mijn voetballeven heb ik mij zot gedribbeld.

het schrijverke

Nog steeds maakt ze tekeningen aan de lopende band, al staat er nu meer tekst dan tekening op. Ze heeft ook een geheim dagboek, daar schrijft ze geheime dingen in. Ze schrijft op haar nachtkastje en op de muur naast haar bed, dat vinden wij echt niet leuk. Ze schrijft lieve kattebelletjes op de tablet. Ze speelt piano op het toetsenbord en zegt dat ze een codetaal maakt.

Ze heeft ook een schrift waarin ze schrijft wat haar blij heeft gemaakt. Maar dat doet ze alleen nadat ze boos naar haar kamer is gelopen. En dan wordt alles weer goed en rustig.

schrift

(trouwens, Mechelen: een vreemde stad)

de studies

We zijn gestart!

Stond deze week op het programma:

  • 1e bijeenkomst ‘Algemene en Politieke Geschiedenis’ (afstandsonderwijs)
  • 1e les ‘Voorbereidingsproces’

Ondertussen heb ik ‘De Oudheid’ al overvlogen, dan het huiswerk gemaakt (historische begrippen definiëren en dingen, niet van de poes), dan de lessen op de cursusblog doorlopen en daar ook een verplichte overpeinzing achtergelaten over een fragment uit De bello Gallico. En verder ook nog mijn weg gevonden op de elektronische leeromgeving Chamilo, heel modern allemaal.

De komende 2 maanden nog op het programma:

  • Geschiedenis:
    • elke week studeren
    • elke week huiswerk
    • elke week het lesmateriaal doornemen op de cursusblog
    • elke week een denkoefening op de cursusblog
  • Voorbereidingsproces:
    • een bronnenonderzoek maken over een afgesproken thema
    • een oefenpresentatie geven over een thema naar keuze
    • een echte presentatie geven over een afgesproken thema
    • een hele zaterdag doorbrengen in verschillende archieven van Gent
    • een avondje Stadsarchief

Dan is het april en zijn er al examens.
En daarna begint de module Kunst en Cultuur.

Omdat ik een man ben heeft nog niemand mij gevraagd hoe ik dat allemaal ga combineren met mijn job en mijn gezin, dus ga ik u daarover niks vertellen.

En als u mij dan nu wil verontschuldigen: ik ga op zolder mijn geschiedkundige encyclopedieën en historische atlassen een tweede leven proberen inblazen. Ik dacht dat ik helemaal van scratch moest herbeginnen maar nu merk ik dat het allemaal terugkomt daar in de kleine grijze cellen: de Aduatieken, de ambacti, de belangrijke meneren met woeste namen als Ambiorix, Augustus, Averroës, Avicenna. Er moeten vast ook woorden zijn die met een ‘B’ beginnen maar zover zit ik nog niet in mijn alfabetische begrippenlijst.