En dan zullen we nu overgaan tot de stemming: ‘sporthal of bibliotheek’

De kiezer — dat is uw buurman die aan uw rechterkant woont — die kiest voor een gemeentebestuur dat beslist om te stoppen met investeren in een dorpsbibliotheek. Het behoort binnenkort tot de politieke plausibiliteit.

Ook al schuilt er een gematigd liberaal in mij, toch vind ik het goed dat de overheid wettelijk verplicht wordt om in heel wat basics te voorzien. Die verplichting is noodzakelijk, vooral omdat het soms een keer voorvalt dat een gemeente een tijd bestuurd wordt door de idioten voor wie uw rechterbuurman heeft gekozen.

Mijn kinderen hebben al een halve bibliotheek verslonden, dus natuurlijk volg ik de verontwaardiging n.a.v. het nieuws over de afschaffing van de bibliotheekplicht. Maar evengoed sorteer ik die verontwaardiging onder de bekakte middenklasse waar ik nu toe behoor.

Mocht mij gevraagd worden wat ik versta onder die basics die wettelijk verplicht moeten worden, dan zou ik een lange lijst maken en daar zou de bibliotheek deel van uitmaken. Maar ‘een bibliotheek in elke deelgemeente’, zou mijn shortlist zeker niet halen.

Wat dan wél mijn shortlist zou halen:

  • Dat elk kind op minder dan 1 kilometer van zijn huis een speelplein heeft: een plein met gras, een klimrek misschien, genoeg ruimte om te voetballen (met doelpalen gemaakt van bezwete truien), nog een paar bomen om in te klimmen, meer moet dat niet zijn.
  • Dat elk kind in de onmiddellijke omgeving van zijn huis ergens wat doelloos mag rondlummelen of steppen of skaten of fietsen, zomaar op straat, zonder van de weg gemaaid te worden.

Ik bracht mijn jeugd door in een dorp met een bibliotheek op een paar honderd meter van mijn deur. Ik kan me niet herinneren dat ik er ooit één boek ontleend heb. Ik kan me ook niet herinneren dat mijn ouders ooit een boek lazen, dat komt wellicht omdat ze nooit een boek lazen en dat waarschijnlijk nog steeds niet doen.

Stripverhalen niet meegerekend, las ik mijn allereerste boek in het middelbaar, omdat het moest. Sindsdien lees ik een aantal romans per jaar, vooral als ik me in een ruimte bevind zonder degelijke internetverbinding. Op het internet lees ik dagelijks het equivalent van een boek met heel veel letters. (maar ook met veel prentjes)

Je kan niet in cijfers gieten wat de return is van opgroeien in een buurt waar je op straat kan spelen en fietsen. Je kan ook niet exact meten wat de return is van opgroeien in de buurt van een bibliotheek.

Ik kan alleen voor mezelf spreken, en in deze materie zie ik mezelf nog steeds als het kind dat alleen maar kon dromen van een pleintje om te kunnen voetballen.

Maar er was wel een bibliotheek. En zo hoort het.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s